Waarom Nederland niet snel meer een coëfficiëntenlaagvlieger wordt
Coëfficiënten

Waarom Nederland niet snel meer een coëfficiëntenlaagvlieger wordt

Update: 22 augustus 2025 om 11:26
13Reacties
Journalist VI

Door de strijd met Portugal en België in de slagschaduw van de Big Four wordt soms vergeten dat Nederland nog maar zeven jaar geleden moeite had om aan te haken bij de eerste tien van de coëfficiëntenlijst. Het is door de puntenmodellen erg onwaarschijnlijk dat die malaisejaren ooit nog terugkomen, ook als er eens een mindere zomer tussen zit.

De bezetting van de topvier van de coëfficiëntenlijst is zo voorspelbaar als de opkomst en ondergang van de zon: door de puntenmethodiek zullen Engeland, Spanje, Duitsland en Italië voor eeuwig in de bovenste regionen vertoeven. Nog voor er dit seizoen een bal had gerold, stond Engeland al op 36 punten door alle bonussen, wat neerkomt op een landencoëfficiënt van vier. Liefst 26 competities kwamen vorig seizoen niet aan die score.

De laatste keer dat de topvier een andere samenstelling kende, was na de cyclus 2003-08, toen Frankrijk zich erin wurmde ten koste van Duitsland. Destijds werden er veel minder bonussen uitgedeeld, waardoor de hiërarchie niet helemaal in marmer gebeiteld was. Dat is die nu wel. Ook in de subtop lijkt er nu sprake van versteende verhoudingen, waarbij Frankrijk op een eilandje de 'zekere' nummer vijf lijkt. Nederland, Portugal en België, misschien op termijn Turkije; dat zijn de landen die strijden om de plekken zes, zeven en acht. Het is evident dat door de sportieve consequenties van de oorlog in Oost-Europa de subtop is afgeroomd, maar dat staat los van het punt dat landen die eenmaal hoog staan niet snel zullen zakken.

Zoals de toplanden de subtoppers van zich af houden door gegarandeerde bonussen, zo staan de middenmoters door hetzelfde systeem bij voorbaat op een achterstand in hun poging aan te haken bij de subtop. De bonussen zijn medio 2024 flink verhoogd, waardoor deze trend onomkeerbaar lijkt. Wie deelneemt aan de competitiefase van de Champions League is per club verzekerd van zes 'gratis' punten. Ideaal, als je met meerdere teams aan de start staat, wat een soort geboorterecht voor de toppers en subtoppers is geworden.