
Verraste Hoefkens: 'Sydney had de redder van Breda kunnen worden'
Carl Hoefkens baalt van het vertrek van clubtopscorer Sydney van Hooijdonk. Volgens de trainer van NAC Breda viel de plotse transfer rauw op z'n dak. Ook weerspreekt hij dat hij geen vertrouwen in de aanvaller zou hebben gehad.
Transfervrij tekende Van Hooijdonk donderdagochtend een contract in Portugal. Een shock, noemde Hoefkens het later op de dag. In aanloop naar het duel met FC Twente kwam het vertrek van zijn aanvaller als een donderslag bij heldere hemel. 'Ik vind het oprecht jammer. Als ik nu inga op bepaalde situaties… Ik heb respect voor Sydney. Op de training bewoog hij zich goed voort. Het is enkel verbazing, het kwam voor mij uit de lucht vallen dat hij plotseling vertrokken was.'
'Ik wil spelers hebben, spelers vormen, die echt geloven in hun kwaliteiten. Ik houd altijd geloof in het potentieel van spelers. Cruciaal voor mij. Je moet het veld opstappen met het geloof in jezelf', legt Hoefkens zijn visie uit. 'Ik doe me nooit anders voor dan ik ben. Als ik mezelf een kenmerk moet geven, is het authenticiteit. Ik doe niets waar ik zelf niet achtersta. Ik voer geen show op. Dan ga je namelijk altijd tegen een muur op lopen.'
Dat Van Hooijdonk weleens in Breda tegen een muur op moest lopen, begrijpt zijn trainer. Maar dat hij geen toekomst in hem zag? Dat het vertrouwen weg was? Hoefkens reageert fel. 'Jawel? Jawel? Juist wel… Dit is een lastige situatie, als ik heel eerlijk ben. Ik ben er écht door verrast. Er is nooit uitgesproken dat ik een andere spits wilde. Daar ga ik lijnrecht tegenover staan. Nooit heb ik in mijn mond genomen dat er geen vertrouwen in Sydney was, dat hij moest vertrekken. Sydney was zo'n speler waarin ik potentieel zag en bleef zien, dat hij misschien zelf niet zag.'
'Vanzelfsprekend om bij ons in de spits te spelen, is het niet. Ik was heel tevreden over zijn werklust voor de winter. Al die standpunten zijn nooit veranderd. Toen hij niet scoorde, gaf ik direct aan dat ik tevreden met zijn werkethiek was. Ik was oprecht blij toen hij ging scoren, hij leek ook verlost. Die mindere periode daarna was helemaal geen probleem. Een voetbalcarrière werkt toch zo? Eerst top, dan even minder. En dan weer top. Ik heb keuzes gemaakt, hij speelde bijna altijd. Ook als er vraagtekens waren, zette ik hem aan de aftrap. Geen vertrouwen? Nee, nooit geen sprake van.'