
UEFA Cup-winst met het meest PSV'se PSV ooit
In de rubriek VI Tijdmachine brengen we met regelmaat nieuwe verhalen over toen, en elke dag van het weekeinde herplaatsen we een artikelen uit ons rijke archief. Deze keer gaan we terug naar 1978 als PSV met een team vol streekvoetballers zelfs de UEFA Cup wist te veroveren. ‘We wilden laten zien dat die Brabanders toch wel een bietje konden voetballen.’
Amsterdam; Sittard, Eindhoven, Didam, Den Bosch; Helmond, Helmond, Arnemuiden; Helmond, Eindhoven, Breda. Het was een veredeld streekelftal waarmee PSV in 1978 het Franse SC Bastia met 3-0 versloeg en zo, na de doelpuntloze heenwedstrijd, beslaglegde op de UEFA Cup. Tien jongens uit de provincie en een geniale keeper uit Amsterdam, Jan van Beveren, die zich in de buitengewesten veel prettiger voelde dan in de hoofdstad.
Lang voordat de PSV-aanhang het boerenimago ging cultiveren, had de club een elftal dat de geuzennaam waardig uitdroeg. Nee, de spelers werkten niet op het land. Maar het waren wel stuk voor stuk voetballers zonder kapsones, die voor elkaar en hun club door het vuur gingen. Ze wilden presteren, maar ook plezier maken. Samen vormden ze het meest PSV’se PSV ooit. Een ploeg met bravoure, maar dan wel op zijn Brabants. Grootspraak werd niet gepruimd. De spelers waren aanraakbare helden voor de supporters. Of het waren zélf supporters, vermomd als profvoetballers.
Zoals Harry Lubse, die als jongetje in de Eindhovense wijk Tongelre al fantaseerde over voetballen in het shirt van PSV en nadat de wens werkelijkheid was geworden zich elke dag bevoorrecht voelde. Nooit meer dan in het seizoen 1977/78, een van de meest memorabele in de clubhistorie. Met Lubse als een van de typische kopstukken: een hardwerkende teamspeler met zachte G en dito gemoed, die zichzelf als spits moeiteloos wegcijferde voor ploeggenoten.
Och, het was zo’n plezier om in die tijd voor PSV te voetballen. We voelden ons onoverwinnelijk
‘Dat deden we allemáál voor elkaar’, zegt Lubse, die met zes doelpunten een groot aandeel had in de succesvolle UEFA Cup-reeks van PSV. ‘We wisten van elkaar wat we wel en niet goed konden en hielpen elkaar waar nodig. Trainer Kees Rijvers bereidde ons heel goed voor op elke wedstrijd. Hij wist precies te vertellen waar de gevaarlijke punten van elke tegenstander lagen. Maar hij legde ook veel verantwoordelijkheid bij zijn spelers. Zodra we op het veld stonden, waren wij in staat om zelf situaties op te lossen. Wij konden elkaar corrigeren. Dat wist Rijvers.'
'Onze speelwijze was een soort georganiseerde wanorde, waarbij we posities van elkaar overnamen. Als er ergens een gat viel, dan werd dat altijd gauw ingevuld. We deden het samen, met Willy van der Kuijlen natuurlijk als het intellect van het team. Als wij hard werkten en georganiseerd speelden, kon Willy met zijn techniek en inzicht het verschil maken. Stap voor stap ging dat beter. Uiteindelijk liep het dat seizoen als een trein. Och, het was zo’n plezier in die tijd voor PSV te voetballen. We voelden ons onoverwinnelijk.’