
Trainers luiden de noodklok: werkdruk in het betaalde voetbal loopt op
Hoofdtrainers in het Nederlandse (betaald) voetbal staan onder hoogspanning. Dat blijkt uit een rapport van de Coaches Betaald Voetbal (CBV), waarin bijna de helft van de respondenten aangeeft ondersteuning nodig te hebben. VI dook in de materie en sprak betrokkenen om een inkijkje in de complexiteit en intensiteit van specifiek het trainersvak te krijgen. ‘Het lijkt wel het nieuwe normaal om 24/7 met voetbal bezig te zijn.’
Dit verhaal is afkomstig uit het VI-weekblad. Bekijk hier wat er nog meer in de laatste editie staat!
Vlak voor de jaarwisseling gaf Paul Simonis, waarschijnlijk de populairste new kid on the block van het Nederlandse trainersgilde, in De Stentor een interessant inkijkje over zijn eerste periode bij Go Ahead Eagles. Hij was slecht gestart, pal na het opvolgen van René Hake en de euforie van de plaatsing voor Europees voetbal. Hij voelde zich ‘ver buiten zijn comfortzone’ en hij zat ‘soms tegen de paniekzone aan’. Hij sliep slecht. Niet gek als je tot vier uur ’s nachts wedstrijden analyseert, tot het punt dat zijn vriendin ingreep. ‘Het is nu klaar, je gaat nu mee naar boven.’
Uniek is zijn verhaal allesbehalve. Arnold Bruggink stapte deze week op als technisch directeur van FC Twente vanwege de continue werkdruk, hij voelde zelfs druk op zijn borst. Die verhalen zijn bevestigingen van het onderzoek van de CBV, waarin naar voren komt dat de hoogste technische functies in het voetbal (trainers, technisch directeuren en hoofden jeugdopleiding) onder hoogspanning staan. Volgens de CBV is de werkdruk in het voetbal ‘overal en altijd’ aanwezig. ‘Dat de druk hoog was, wisten we. We wilden onderzoeken en bewijzen of het té is en dit rapport bevestigt wat we wisten. Drie technische functies staan onder hoge druk’, vertelt directeur Mario Captein van de CBV.
VI ging met de uitkomsten van dit onderzoek op pad en richtte zich op hoofdtrainers. Want: je kunt je afvragen hoe gezond dat vak nog is. We kennen allemaal nog de beelden van een werkelijk afgepeigerde Jürgen Klopp aan het einde van zijn tijd bij Liverpool. Tegelijkertijd zwijmelen clubs en hun Umfelt al bij de gedachte aan een vakidioot, een trainer die het stempel heeft te slapen op de club, een nachtbraker die beelden tot in den treure analyseert. En dat in een wereld waarin je als trainer garantie tot de voordeur hebt.