
Toen zelfs scoren tegen Ajax al bijzonder was
Ajax was in het najaar van 1995 zó superieur dat zelfs het maken van een doelpunt tegen de Amsterdammers al als een prestatie werd gezien. We gaan drie decennia terug in de tijd, toen Edwin van der Sar een bijzonder scherp Eredivisie-record neerzette dat tot op de dag van vandaag niet eens serieus is aangevallen.
Clemens Zwijnenberg is niet de annalen ingegaan als een Feyenoord-legende, wel als een antwoord op een vraag die zo nu en dan aan bod komt in obscure voetbalquizzen. Gaat het over de reeks van Edwin van der Sar in het seizoen 1995/96, dan weten de ervaren deelnemers al snel welke kant het opgaat: wie was die jaargang de eerste speler die de Ajax-doelman deed capituleren?
Zwijnenberg dus, tijdens De Klassieker. Zijn poeier in de tweede minuut zou zelfs door drie Van der Sars niet zijn gekeerd. Feyenoord zou die wedstrijd met 2-4 verliezen, maar had wel mooi Ajax beroofd van zijn maagdelijke status. In die tijd was dat al heel wat voor de rivalen van de Amsterdammers. In deze VI Tijdmachine gaan we terug naar de herfst van 1995, toen Ajax met harde hand heerste. Het was de tijd van Topshots (voetbalflippo’s), van een stabiel politiek klimaat, de doorbraak van Guus Meeuwis en een economische hausse. Zette je de televisie aan, dan kwam de Postbank-commercial met 15 miljoen mensen binnen een mum van tijd voorbij.
Dit verhaal is afkomstig uit het VI-weekblad.