Toen scholier Martin Ødegaard nog door Friesland fietste

Toen scholier Martin Ødegaard nog door Friesland fietste

Update: 9 juni 2026 om 17:02
Praat mee!
Journalist VI

Noorwegen geldt als sterke outsider op het WK. Mede dankzij aanvoerder en Arsenal-vedette Martin Ødegaard. Negen jaar geleden zocht VI de toenmalige huurling van Real Madrid op bij SC Heerenveen. Daar had hij het prima naar zijn zin. ‘Ik verveel me geen moment.’  

Groter kon het contrast niet zijn. Twee jaar lang had Martin Ødegaard zich gelaafd aan de hypermoderne luxe van Real Madrid City, door de Koninklijke club niet al te bescheiden omschreven als beste trainingsaccommodatie ter wereld. Met twaalf trainingsvelden, de grootste gym van Spanje, vier zwembaden, conferentiezalen, kantoren, medische ruimtes, spelershotels en een stadion voor elfduizend toeschouwers. Uitgestrekt over 1.2 miljoen vierkante meter. ‘Zestien keer zo groot als het Rode Plein in Moskou, 2.7 keer groter dan Vaticaanstad en 1.6 keer groter dan de Verboden Stad in Beijjing’, pochte Real Madrid in een brochure van het in 2005 geopende complex.     

Die wereld was oneindig ver weg, letterlijk en figuurlijk, toen we Ødegaard in de zomer van 2017 opzochten. Het was een bevreemdend beeld om het felst begeerde talent ter wereld zo te zien zitten, op het terrasje van een amateurvoetbalkantine op het Friese platteland. In Langezwaag om precies te zijn, een dorpje met duizend inwoners, een paar kilometer ten oosten van Heerenveen. Naast de kantine stapte een man op zijn fiets, de enige toeschouwer bij de training die net was afgelopen. Ødegaard wenste hem een fijne dag.

Zelf had hij zich tijdens zijn eerste half jaar in Friesland ook per fiets verplaatst. Een cadeautje van de clubleiding. Want een rijbewijs had Ødegaard bij zijn komst naar SC Heerenveen – begin 2017, op net achttienjarige leeftijd - nog niet. Een scholier was hij nog, op het gymnasium.  ‘Sinds ik weg ben uit Noorwegen volg ik mijn schoolopleiding online’, vertelde hij in vlekkeloos Engels. ‘Mijn ouders en ook ikzelf vinden dat ik gewoon mijn school moet afmaken. Je weet nooit wat er tijdens je voetbalcarrière kan gebeuren. Bij een vervelend scenario wil ik niet met lege handen staan. Ik krijg online werkopdrachten en via Skype heb ik contact met docenten. Dat werkt prima.’