Toen FC Groningen in de ban was van een zwartgeldaffaire
VI 60 jaar

Toen FC Groningen in de ban was van een zwartgeldaffaire

PRAAT MEE!
Journalist VI

Voetbal International viert dit jaar zijn zestigjarig jubileum. Naar aanleiding daarvan herplaatsen we elke dag in het weekeinde een verhaal uit ons rijke archief. Deze keer gaan we terug naar januari 1989, toen FC Groningen in de ban was van de FIOD-affaire.

Onder de flamboyante voorzitter Renze de Vries schurkte FC Groningen in de jaren tachtig aan tegen de subtop. Later bleek dat de noorderlingen in de jacht op versterkingen hadden gesjoemeld met tekengelden. Het was Johan Derksen die de affaire onthulde. Uiteindelijk zou De Vries aftreden. De bestuurder ontkende later nooit dat er in die jaren zwart geld werd gebruikt bij FC Groningen, maar benadrukte altijd wel dat hij zichzelf nooit had verrijkt.

De rechercheurs van de Fiscale Inlichtingen en Opsporingsdienst hebben zich op FC Groningen gestort. Tijdens hun speurtocht naar zwart geld bij Ajax kregen de FIOD-specialisten al vrij snel de indruk dat er bij FC Groningen ook flink met zwart geld werd geknoeid. Vanuit het FIOD-hoofdkwartier in het Haarlemse Schalkwijk werd een team naar het Oosterpark Stadion gedirigeerd, hetgeen weleens tot de ondergang van FC Groningen-voorzitter Renze de Vries kan leiden. De vriendelijke varkenshandelaar wordt als het brein achter deze zoveelste zwartgeldaffaire in het betaald voetbal gezien, daarnaast zal de FIOD de handel en wandel van het bestuurslid Wubbo de Boer, penningmeester Siebe van der Pruik, ex-vicevoorzitter Piet Ritsema en ex-manager Ton van Dalen doorlichten, terwijl men over aanwijzingen beschikt dat de spelers Jurrie Koolhof, Ronald Koeman, Frans Thijssen, Erwin Koeman, Foeke Booy, John de Wolf, René Eijkelkamp en Hennie Meyer zwart geld incasseerden, waardoor er tevens enige gerenommeerde zaakwaarnemers bij de zaak betrokken worden, want Ger Lagendijk behartigde de belangen van Erwin en Ronald Koeman, Bob Maaskant trad als zaakwaarnemer op voor John de Wolf en René Eijkelkamp, terwijl bondscoach Nol de Ruiter zijn schoonzoon Foeke Booy begeleidde.

'De eeuwige glimlach van de FC Groningen-voorzitter bleek slechts een façade, want binnen de club gedroeg hij zich als een potentaat'

Renze de Vries was ooit een onopvallende zakenman op het Drentse platteland. Hij was succesvol in de varkenshandel, bezat een boerderij, had hier en daar wat aandelen in horecabedrijven en was succesvol als huisjesmelker in de warme buurt van Groningen. Geld alleen gaf hem echter geen voldoening, Renze de Vries is namelijk een geweldige ijdeltuit. Knor, zoals hij in de voetbalwereld wordt genoemd, wilde beroemd worden, de voetballerij bracht uitkomst, want als bobo ben je publiek bezit. Na een stage van twee jaar ontpopte Renze de Vries zich in 1977 als de sterke man van FC Groningen. De publiciteit werkte als doping, via de gemeenteraadsverkiezingen in zijn woonplaats Roden probeerde hij gedeputeerde van de provincie Drenthe te worden, maar de plaatselijke VVD-fractie werkte niet mee. Daarom was Renze de Vries zo trots als een pauw toen hij naast de toenmalige Ajax-voorzitter Ton Harmsen mocht plaatsnemen in het sectiebestuur betaald voetbal. Zijn taak als official bij het Nederlands elftal werd een fiasco, omdat de FC Groningen-voorzitter zijn talen niet spreekt, waardoor hij er in het buitenland altijd voor spek en bonen bij zat, terwijl er dan juist zaken worden gedaan in de wandelgangen. Renze de Vries blijft echter zitten waar hij zit en verroert zich niet, want hij koestert zijn functie in Zeist als een erebaan.

De eeuwige glimlach van de FC Groningen-voorzitter bleek slechts een façade, want binnen de club gedroeg hij zich als een potentaat; alles en iedereen moest wijken voor zijn blinde ambitie, FC Groningen moest en zou een topclub worden. Bestuursleden met een afwijkende mening, zoals Wim van der Heide, Reint Sannes, Wim Everards, Jan Dolving, Cees Versteeg, Ruud Bouwman en Piet Ritsema hielden de eer aan zichzelf en vertrokken. Intussen omringde Renze de Vries zich met medestanders en jaknikkers, waarvan caféhouder Wubbo de Boer, een ex-handbalkeeper die jaren achtereen verantwoordelijk was voor het technisch beleid, zijn trouwste paladijn is.

Renze de Vries werd een begrip binnen de voetballerij. Clubvertegenwoordigers, die moeizaam onderhandelden met spelers, trokken zich haastig terug zodra Renze de Vries op het toneel verscheen, want tegen FC Groningen viel niet op te bieden. Spelers en zaakwaarnemers die door Renze de Vries voor een gesprek werden uitgenodigd wisten dat ze het onderste uit de kan konden halen, omdat de FC Groningen-voorzitter niet van slepende onderhandelingen hield, hij wilde de zaak altijd meteen afronden. De afgelopen jaren was Renze de Vries wat ongelukkig met het aantrekken van trainers. Han Berger stapte woedend op toen hij zijn voorganger Theo Verlangen, een boezemvriend van Wubbo de Boer en stapmaat van de voorzitter, naast zich dreigde te krijgen. Rob Jacobs ging in Groningen ten onder aan zijn Rotterdamse bluf, omdat hij nauwelijks presteerde, terwijl kantinebeheerder Ottens iedere middag een ooggetuigenverslag van de training doorbelde naar het café van Wubbo de Boer. Dezelfde kantinebeheerder gaf de huidige Feyenoord-trainer de bijnaam Napoleon, omdat Rob Jacobs zich als een veldheer over het trainingsveld bewoog.

Exclusieve content voor PRO abonnees

Dit artikel is exclusief voor PRO-leden. Profiteer van onbeperkte toegang tot alle PRO artikelen, achtergrondverhalen en analyses. Geen advertenties, geen beperkingen.