
Toen een openhartige Co Adriaanse helemaal niets verwachtte van Oranje
Voetbal International viert dit jaar zijn zestigjarig jubileum. Naar aanleiding daarvan herplaatsen we elke dag in het weekeinde een verhaal uit ons rijke archief. Deze keer een interview met Co Adriaanse in de aanloop naar EURO 2004.
Adriaanse fungeerde op dat moment als trainer van AZ, dat hij met fraai spel naar de vijfde plaats in de Eredivisie had geleid. De flamboyante en uitgesproken oefenmeester verscheen destijds veelvuldig in de media, waarin hij altijd talloze andere onderwerpen behandelde. Zo ook in onderstaand gesprek met Iwan van Duren. Het naderende EK bood voldoende gespreksstof.
Collega's kozen Co Adriaanse (56) onlangs tot Trainer van het Jaar. De Amsterdammer verraste alle kenners door AZ met bij vlagen wervelend spel naar Europees voetbal te leiden. Eerder gaf hij aan in 2005 te stoppen. Inmiddels staat hij weer open voor een topclub. Als VI's Gast in Gouda heeft Adriaanse nog meer nieuws: Nederland wordt in Portugal zeker geen Europees kampioen.
Gefeliciteerd. U bent Trainer van het Jaar.
'Dat ervaar ik als een groot compliment. AZ is toch een eerherstel voor mezelf. Toen ik werd ontslagen bij Ajax, heeft mijn vertrouwen een flinke deuk opgelopen. Dus heb ik wel weer wat teruggewonnen. Als je terugkomt bij AZ en na 22 jaar weer Europees voetbal haalt, kijk je toch prettiger terug. Maar je moet naar een héle loopbaan kijken. Als speler en trainer heb ik er alles uitgehaald en kan ik terugkijken op een mooie carrière. Wat dat betreft is het voetbal soms heel kortzichtig. Hoe weet je of een trainer alles uit zijn spelers haalt of niet? Ik sta al twintig jaar in de schijnwerpers, maar in die periode heb ik wel tweehonderd trainers voorbij zien komen. Dat zegt wel iets. Ik zag laatst een Eredivisie-staatje waaruit bleek dat van de huidige trainers alleen Foppe de Haan vijf keer vaker heeft gewonnen dan ik. Je wordt in een showroom afgeleverd zonder schrammen. Daarna komen de eerste krassen en deukjes. Een trainer die wordt ontslagen krijgt hoogstens nog een tweede kans en dan is het over. Als Martin van Geel zich niet had gemeld, dan was het voor mij voorbij geweest. Ik had na Ajax elf maanden niets gehoord, dit was mijn laatste kans. Van Geel is drie keer bij me geweest. Eerst zei ik nee, na het tweede gesprek kwam de twijfel en vervolgens wilde hij een ander nemen. Toen ben ik er toch ingestapt. Martin kent mij door en door, hij is heel belangrijk in mijn leven. Hij durfde mij eerder naar Willem II te halen. Daarna heeft hij me door dik en dun gesteund.'
In uw eerste seizoen met AZ eindigde u als tiende, dit jaar als vijfde.
'Vorig jaar zat Europees voetbal er al in. Ik nam na tien wedstrijden de ploeg over van Henk van Stee. Dat vind ik niet ideaal, ik ben niet iemand die halverwege het seizoen moet beginnen. Toch haalden we 34 punten uit 24 duels. Goed, maar net te weinig. Vlak voor het eind van de competitie speelde het verhaal dat Dirk Scheringa de stekker eruit wilde trekken en de spelers dertig procent salaris moesten inleveren. Dat heeft ons punten gekost. Uiteindelijk kwamen we er zes tekort. Dit seizoen was de doelstelling ergens tussen de vierde plaats van boven en de vierde van onderen eindigen. Michael Lamey was weg, er waren geen versterkingen en dus ben je ook erg afhankelijk van blessures. We hebben veel doelstellingen gehaald. Ik ben tevreden over de manier waarop we zowel uit als thuis speelden, we hebben veel minder gele kaarten gekregen, veel meer goals gemaakt en veel minder tegen gekregen. Gevarieerd gevoetbald. Met een ruit, met drie of met vier verdedigers. En we hadden weinig blessures. Het zat op de beslissende momenten mee. Als we ooit een kans hadden gehad om derde te worden, dan was het dit jaar wel.'
© Pro ShotsVolgend seizoen is uw laatste. Kunt u dit succes nog overtreffen?
'Nu heb je iets gehaald wat iedereen in Alkmaar wilde. Dat is een mijlpaal, maar betekent niet dat er niet nog meer in zit. Ik denk dat deze groep nog meer kan, daarnaast wordt-ie door de komst van Kew Jaliens, Joris Mathijsen en Tarik Sektioui een stuk sterker. Het niveau op de trainingen zal stijgen en dus ook in de wedstrijden. Ik kom vooral achterin wat ruimer te zitten. Jaliens en Mathijsen kunnen rechts en links centraal én als backs prima uit de voeten. Dit zijn stabiele jongens. Bijna nooit geblesseerd of geschorst, altijd een 6 of een 7. Volgend jaar is de doelstelling weer Europees voetbal. Als dat lukt, dan komt er misschien toch nog een topclub. En dan pak ik die kans. Ik kan straks sowieso kiezen; één is stoppen, twee is een andere functie, drie een topclub, vier een zak met geld in het buitenland.'