The Super Eagles vliegen niet meer: de neergang van Nigeria
Achtergrond

The Super Eagles vliegen niet meer: de neergang van Nigeria

Update: 14 oktober 2025 om 20:06
2Reacties
Journalist VI

Een steentje kan het niet zijn geweest, zo hoog in de lucht. Maar feit is dat plotseling een barst ontstond in een van de voorruiten van het vliegtuig. Waarop de gezagvoerder meteen besloot om te keren en een noodlanding in te zetten. Victor Osimhen, Calvin Bassey en de andere internationals van Nigeria haalden opgelucht adem toen ze wielen van het toestel van het Nigeriaanse ValueJet eindelijk de grond voelden raken. Media in binnen- en buitenland ontdekten meteen de symboliek van de gebeurtenis.

Alleen een lange eindsprint à la Mathieu van der Poel kan The Super Eagles namelijk nog naar het WK 2026 brengen. Zelf moeten ze deze dinsdag in eigen huis de verrassende koploper Benin met minstens twee goals verschil verslaan, wat gezien de 2-1 nederlaag in de heenwedstrijd en een bondscoach bij de tegenstander die echt alles van Nigeria weet (de 72-jarige Gernot Rohr zat tussen 2016 en 2021 op de bank bij de giganten van Afrika) al een hele opgave zal zijn. Daarnaast mag Zuid-Afrika, runner-up van de CAF-poule C, niet op eigen grond van Rwanda winnen. Anders is een van de meest spectaculaire deelnemers van het vorige WK in Amerika 32 jaar later slechts toeschouwer van het komende WK in Amerika. En dat is in de ogen van bijna 240 miljoen Nigerianen – waarmee ze met afstand het grootste volk van Afrika zijn – een regelrechte schande. Over opstijgen en dalen, opstijgen en dalen. En zo nu en dan een noodlanding.

Voetbal met een glimlach

‘Jay-Jay is de enige nummer 10 die ik ooit heb bewonderd.’ Ronaldinho is niet zo van de complimentjes, omdat zijn techniek nu eenmaal ongeëvenaard is. Of herstel: bíjna ongeëvenaard, heeft ook Bernard Mendy ondervonden, de rechtsback die bij Paris Saint-Germain een poosje met de twee giganten mocht samenspelen. ‘Soms zaten we in de kleedkamer, als een soort publiek om Jay-Jay heen, terwijl hij met een tennisbal bezig was’, vertelde hij in de Daily Post. ‘Onze monden vielen open. Hoe hij met dat kleine ding bezig was, met de schouder, borst, billen; ongekend. Technisch was Okocha gewoon beter dan Ronaldinho.’

Waar de Braziliaan zich de daaropvolgende jaren ontwikkelde tot een wereldkampioen, Ballon d’Or- en Champions League-winnaar, ging het speelse er bij zijn zeven jaar oudere Nigeriaanse leermeester nooit echt af. Nog voor zijn dertigste verjaardag kwam Jay-Jay Okocha bij de Premier League-laagvlieger Bolton Wanderers terecht. Toch was hij daar minstens zo gelukkig als in de absolute top. ‘Ik hield ervan om mijn technische hoogstandjes op het veld te laten zien. Niks is leuker dan tegenstanders compleet voor schut te zetten’, zei de middenvelder daarover in The Sun, gevolgd door die typische glimlach waarmee hij ook altijd voetbalde. Elke liefhebber van het pure voetbal viel dan ook als een blok voor die Okocha. In het Reebok Stadium van Bolton zijn ze nog steeds dankbaar dat Jay-Jay ooit voor hen koos. ‘He is so good that they named him twice’; het is soms nog op de tribunes te horen.

Ondersteunend beeld bij het artikel© Imago

Jay-Jay Okocha, het gezicht van het speelse Nigeria.

Okocha was slechts een van de vele toptalenten op wie Clemens Westerhof in Nigeria stuitte. De voormalige Feyenoord-, MVV- en Vitesse-trainer die zich met uitspraken over dopegebruik bij de Rotterdamse club vooral zichzelf in de vingers had gesneden en in de jaren daarna volledig in de vergetelheid was geraakt, werd in juli 1989 ineens aangesteld als bondscoach van de slapende Afrikaanse reus. En schudde die in de jaren daarna hardhandig wakker. Zó veel talent, met ook Daniel Amokachi, Emmanuel Amunike, Sunday Oliseh en de Ajacieden Finidi George en nog piepjonge Nwankwo Kanu die nog kwamen bovendrijven; dat moest er toch een keer uitkomen? Het kwam eruit, in 1994, toen na het winnen van de Afrika Cup in april in juni voor het eerst een heuse WK-eindronde wachtte.

De manier hoe dat toernooi in de Verenigde Staten verliep, zegt heel veel over de kracht en zwakte van de Nigeriaanse nationale ploeg.

Voetbal met een grimas

‘Het ging niet om die ene bal die Oliseh nodeloos buiten de lijnen trapte, of de dribbels te veel van Okocha. Het ging om de slechte wissels: twee aanvallers (Amokachi en Amunike) verdwenen voor twee verdedigers (Mutiu Adepoju en Thompson Oliha). De Italianen hoefden geen extra mensen achterin te houden; ze stonden niet meer onder druk. Wíj kwamen onder druk te staan.’ Aldus de assistent over de bondscoach in het boek Giganten van Afrika.

Terwijl Limburger Jo Bonfrère zo lang juist zo’n uitstekende tandem had gevormd met Gelderlander Clemens Westerhof. Althans, gezien de hoge vlucht die The Super Eagles onder hun hoede maakten. En ook de eerste optredens tijdens Amerika ’94 maakten indruk. Hristo Stoitchkov en consorten, die het uiteindelijk toch nog tot de halve finale zouden schoppen, hadden bijvoorbeeld geen schijn van kans tegen Nigeria. Met twee assists had de fenomenale Finidi een aanzienlijk aandeel in de 3-0 zege op Bulgarije. Argentinië ontsnapte aan een nederlaag dankzij twee bevliegingen van Claudio Caniggia, maar Diego Maradona moest regelmatig naar adem happen in, naar later zou blijken, zijn allerlaatste interland. Een simpele, zakelijk 2-0 overwinning op Griekenland bracht de Nigerianen zelfs nog groepswinst. Maar het lot bepaalde dat Italië, de nummer drie van groep E, de volgende tegenstander zou zijn. Dat joeg echter geen Nigeriaan enige angst aan.

Ook vanwege het doodeenvoudige feit dat geen Nigeriaan in de dagen, de uren voorafgaand aan de achtste finale van het WK überhaupt bezig was met de tegenstander.

Westerhof is een klootzak! En zet dat alsjeblieft in koeienletters boven dit verhaal. Dankzij hem zijn we nu uitgeschakeld

— Captain Stephen Keshi

‘Voor de wedstrijd tegen Argentinië zag ik het al gebeuren’, legde Westerhof in VI uit. ‘Elke dag stopte hier voor het hotel weer een bus vol met Nigerianen. Op een gegeven moment kwam ik erachter dat zes spelers hun eigen vrouw hier al hadden ingekwartierd. Dat was tegen alle regels en afspraken in. Na de wedstrijd mogen de vrouwen voor mij part tot zes uur ’s ochtends blijven. Verder niet. Die verantwoordelijkheid draag ik niet met een wedstrijd tegen Italië op het programma. Met zo’n voorbereiding van lik-me-vestje loop je zo tegen een afstraffing op. Daar heb ik niet vijf jaar voor gewerkt.’ En dan had de bondscoach het nog niet eens over de bobo’s, familieleden van de bobo’s, mensen van de pers, dames van lichte zeden en de nacht dat zes van zijn spelers zich ‘onder aanvoering van de minister van Sport elders hadden vermaakt’, zoals hij later in Giganten van Afrika uit de doeken zou doen.

Dus besloot Westerhof dat het hoog tijd was voor actie. Hij maakte een ronde door het hotel, klopte op de deuren van de spelers en blafte: ‘Over anderhalf uur staan jullie gepakt en gezakt beneden. We vertrekken naar het Sheraton in Needham!’ Het haalde niet veel uit, moest de trainer ook zelf bekennen. ‘De heren weigerden. Goed, zei ik, ik ga alvast. Jullie volgen me maar. Er volgde niemand.’ En dus sliep hij die nacht alleen in het Sheraton, met zijn ex-vrouw en hun zoontje Clemens junior die dus wel welkom waren in het hotel.

Ondersteunend beeld bij het artikel© VI

De Nederlanders in de technische staf voor het WK 1994, met vanaf links: assistent-trainer Jo Bonfrère, fysiotherapeut Jan Reterink, keeperstrainer Gerrie van Eijk en bondscoach Clemens Westerhof.

De bom, die al tijdenlang vervaarlijk had getikt, was gebarsten. Omdat Bonfrère voor het eerst echt partij had gekozen voor de spelers, door eveneens niet te komen opdagen bij vertrek naar het andere hotel, voelden het voor veel spelers als een grote opluchting. ‘Tot dan toe hadden wij altijd gedaan wat hij wilde’, sprak Finidi George bijvoorbeeld. ‘Nu, voor het eerst, hebben we nee gezegd. Het leek wel straf. We zijn geen kinderen.’

‘Kinderen?’, haakte Stephen Keshi daarop in. ‘Hij behandelt ons als honden!’ Net als Bonfrère was de aanvoerder, die in 1994 veelal worstelde met een knieblessure en dus veel wedstrijden aan zich voorbij moest laten gaan, lange tijd een vertrouweling geweest van Westerhof. Hij had zijn trainer gesteund, door dik en door dun. Maar toen VI het hotel van Nigeria opzocht voor een reactie op de 2-1 nederlaag tegen Italië en daarmee uitschakeling in de achtste finale, leken er in zijn ogen kooltjes te branden. Die oplichtten bij elk woord dat hij uitsprak, uitschreeuwde bijna. ‘Allicht laat hij zich hier niet meer zien. Hij zou er namelijk vierkant worden uitgeslagen. Westerhof is een klootzak! En zet dat alsjeblieft in koeienletters boven dit verhaal. Dankzij hem zijn we nu uitgeschakeld, hij is een waardeloze coach.’

Ze namen het de Nigeriaanse voetbalbond kwalijk dat ze het niet aandurfde de Gelderlander al tijdens het toernooi te ontslaan, kreeg VI ook te horen. Al zou Bonfrère later beweren dat aan hem meerdere malen gevraagd was het over te nemen. Hoe het ook zij, de Nigerianen begonnen met Westerhof op de bank aan het duel met Italië. En toen Gianfranco Zola een kwartier voor tijd bij een 1-0 achterstand (doelpunt Amunike) ook nog van het veld werd gestuurd, was Nigeria alsnog hard op weg naar de kwartfinale. Totdat uitblinker Roberto Baggio in minuut 88 gelijkmaakte en in de verlenging vanaf elf meter ook nog de beslissing bracht… Vanwege die stomme verdedigende wissels van Westerhof dus, zijn tactische onvermogen. ‘Westerhof wil graag Cruijff uithangen’, vertelde Keshi. ‘Maar van de tactiek van Cruijff begrijpt hij geen snars.’

M’n bagage ligt al in de kofferbak. Papa kruipt erin en is weg, dat snap je toch wel? Ik laat me een beetje de nek afsnijden…

— Clemens Westerhof

‘Toen hij na de wedstrijd in de kleedkamer arriveerde, sloegen bij een paar spelers de stoppen door’, vervolgde Keshi. ‘Ik heb hem maar buiten de deur gezet, want er hing een ordinaire vechtpartij in de lucht. Toen ik later buitenkwam, hing hij daar nog rond. Toen wilde hij me een hand geven. Fuck off, heb ik gezegd, jij bestaat niet meer voor mij. En zo denken alle spelers erover.’

Precies zoals hij van tevoren al had aangekondigd, vertrok Westerhof vervolgens als een dief in de nacht bij de Nigeriaanse nationale ploeg. ‘Bij verlies staat voor de stadionpoort de limousine met geblindeerd glas klaar’, voorspelde hij een paar dagen eerder. ‘Met ronkende motor. M’n bagage ligt al in de kofferbak. Papa kruipt erin en is weg, dat snap je toch wel? Ik laat me een beetje de nek afsnijden… Het salaris tot eind juli heb ik al op de bank staan. Ik ben gekke henkie niet. Te barsten heb ik me gewerkt in dat land, onder ongelooflijke omstandigheden.’

Waar het Nederlands elftal zichzelf al een aantal keer uit een toernooi ruziede (1976, 1996 bijvoorbeeld), is dat bij Nigeria bijna vaste prik. Stijgen, dalen, stijgen...

Hoop en teleurstelling

‘Als mens is dat het allermooiste moment, ja. Zo’n gebaar zegt dat de spelers je niet alleen als coach waarderen, maar ook als mens.’ Toen Jo Bonfrère twee jaar na het WK 1994 opnieuw in de Verenigde Staten een uitroepteken achter zijn bondscoachschap van Nigeria had gezet en met een gouden olympische medaille om zijn nek door zijn spelers op handen door het stadion werd gedragen, keerde ook hij niet meer terug in Lagos.

Want de problemen rondom The Super Eagles beperkten zich niet alleen tot een bondscoach die volgens collega’s en spelers er weinig van begreep, zich ook nog eens bijzonder autoritair gedroeg én bleek te verdienen aan transfers van zijn eigen internationals. Na het mega-succes tijdens de Spelen van Atlanta, met Nwankwo Kanu in een magistrale hoofdrol en eigenlijk alleen maar spektakelstukken als Nigeria in actie kwam, bleef de corruptie welig tieren. Wisselden de bondsvoorzitters zich nog steeds in een moordend tempo af. Werden trainers en spelers regelmatig een tijdlang niet betaald. En is de organisatie nog altijd van een erbarmelijk niveau. Net als het niveau van de beleidsbepalers. Sinds het eerste duel van deze WK-kwalificatiereeks, voor het WK in Amerika, Canada en Mexico, stonden bijvoorbeeld al drie verschillende bondscoaches voor de groep. WK ’94-uitblinkers Finidi George (twee duels), Augustine Eguavoen (vier) en uiteindelijk de Malinees Éric Chelle.

Die coach hebben ze in dameskleding en met een pruik op het stadion uit moeten smokkelen. Anders hadden ze hem gegarandeerd opgehangen

— Clemens Westerhof

Het is dat Nigeria een echt voetballand is en kan vertrouwen op de macht van het getal – met bijna 240 miljoen heb je automatisch meer kans op nieuwe diamanten dan pakweg in Benin met 14 miljoen – kan de toekomst er daarom zo weer anders uitzien. Nigeria is niet toevallig met vijf stuks recordhouder wereldtitels Onder-17. Victor Osimhen was onderdeel van de lichting Golden Eaglets die (in 2015) wereldkampioen werden en scoorde tien keer in zeven wedstrijden. Hoe treurig zou het zijn als hij, en ook al die andere Nigeriaanse toppers, nooit zouden kunnen schitteren op het allerhoogste podium, het WK?

Want dat zou zomaar kunnen. Na het gemiste WK in Qatar is de hoop op Amerika nog niet helemaal vervlogen. Dankzij een zwaarbevochten 1-2 zege op Lesotho – een landje dat helemaal is omringd door Zuid-Afrika en nog niet eens twee miljoen inwoners telt – en twee oplettende piloten die het toestel na dat treffen en een tussenstop in Luanda weer veilig terug naar de Angelose hoofdstad loodsten, is er nog een kans. Maar wel een heel kleine.

Als je zijn teksten van 1994 nog eens terugleest, zal de inmiddels 85-jarige Westerhof hopen dat Chelle die kleine kans grijpt, deze dinsdag in Uyo. ‘In al die vijf jaren heb ik in Nigeria geen thuiswedstrijd verloren. Eén keer heb ik Jong Nigeria thuis met 1-0 onderuit zien gaan. Die coach hebben ze in dameskleding en met een pruik op het stadion uit moeten smokkelen. Anders hadden ze hem gegarandeerd opgehangen.’