
Stoplicht als inspiratie: het ontstaan van de rode kaart (en de beruchtste verzamelaar)
‘Jullie snappen dat ik deze competitie niet zou verlaten zonder een rode kaart te pakken.’ Sergio Ramos is sinds 5 februari in Mexico actief voor Monterrey, waar de 39-jarige voetbalicoon zich al van zijn bekende kanten liet zien. Opvallend veel scorend voor een verdediger én een verwoed kaartenverzamelaar. Met dertig keer rood bezet Ramos plaats twee op de alltime-lijst. Maar de nummer één eindigde op liefst 47 stuks.
Aangezien het zaterdag 14 juni exact 51 jaar geleden is dat een Chileense communist de allereerste kreeg op het WK in West-Duitsland, duiken we voor deze aflevering van VI-Tijdmachine in de historie van de rode kaart. Hoe het beruchte kleinood werd uitgevonden en waarom, welke speler had gehoopt op een andere manier geschiedenis te schrijven dan-ie nu heeft gedaan, en welke draaideurcrimineel op noppen erin is geslaagd Ramos en ook nummer vijf Edgar Davids (25 rode kaarten, waarvan drie met Oranje) ruim achter zich te houden.
Dit verhaal is afkomstig uit het VI-weekblad. Bekijk hier wat er nog meer in de laatste editie staat.