
Recept voor een superwoman: 'Presteer en ben vrouwelijk'
Het is wat: vrouwen die voetballen. De een vindt het niet om aan te zien, de ander is positief verrast. Wat de mening van de voetballiefhebber ook is – positief of negatief; ze is gestoeld op een vergelijk met mannenvoetbal. En dat mag niet, horen we steeds. Maar we doen het toch: samen met Henk Kraaijenhof, Marc Lammers en Mary Kok-Willemsen.
Fysiek
© Pro ShotsKracht
Henk Kraaijenhof, oud-topsporttrainer en spreker over onder meer het lichaam: ‘Van oudsher werd gezegd: het lichaam van de vrouw is anders en niet geschikt voor sport. Dat heeft puur te maken met de sterkte. Vrouwen zijn minder sterk en daardoor minder snel. Snelheid is namelijk afhankelijk van kracht. Het beeld dat we daardoor van de vrouw hebben, is dat zij zwakker en dus kwetsbaar is. Daarnaast is de motoriek van voetbal in vergelijking met bijvoorbeeld hockey wat boertiger. Het is niet zo geraffineerd als hockey, dat vloeiender en sierlijker is. Bij mannenvoetbal vinden we dat niet erg. Als vrouwen diezelfde sport beoefenen, is dat anders. De vrouw moet sierlijk zijn.’
Prestatiedrang
‘Om op topniveau te presteren, spreek je het competitieve element in jezelf aan en daaraan ligt het mannelijke hormoon testosteron ten grondslag. Vrouwen die aan sport doen hebben meer testosteron dan vrouwen die niet aan sport doen. Dus dat wil zeggen dat zij een kracht aansporen die eigenlijk mannelijk is. Daarom ook dat we vrouwen die iets goed kunnen vaak als mannelijk omschrijven. In de top van het bedrijfsleven of in de politiek zijn zij vaak net zo testosteron- en machtsgedreven als een man. Zij is een vrouw met haar op de tanden die net zo agressief en assertief is als haar collega’s. Een man vindt haar vaak een bedreiging: ze komt te dicht bij de kracht van de man. Een vrouw moet vrouwelijk zijn. Dus als zo’n succesvolle dame ook nog eens haar vrouwelijke kracht gebruikt, wordt ze nog sterker. Presteer, maar ben ook vrouwelijk: dan ben je in de ogen van een man een supervrouw.’
Natuur
‘De vrouw heeft van nature een verzorgend aspect in zich. Vroeger ging zij enkel van huis om de paddenstoeltjes en kruiden te zoeken om weer snel huiswaarts te keren, want er moest gekookt en voor de kinderen gezorgd worden. En mannen zijn jagers. Zij gingen van huis om met hun speertje te gooien. Van daaruit zie je ook de basis van het gevecht dat vrouwen in deze tijd moeten leveren. Na het feminisme en de emancipatie is er een idee gekomen dat vrouwen op hetzelfde niveau als mannen moeten staan. Maar dat kan niet. Want dat zou betekenen dat ze hetzelfde zijn en hetzelfde kunnen. De werkelijke emancipatie zit ’m erin dat je accepteert dat je anders bent en je éígen kracht als vrouw ontplooit. Met iets wat mannen minder in zich hebben.’