
Missie Excelsior volbracht: 'Die gasten maken me trots'
Excelsior is verzekerd van nog een jaar Eredivisie. Een 1-1 gelijkspel tegen FC Volendam volstond. De handhavingsmissie is geslaagd. En dat is altijd knap, vanuit Excelsior-perspectief bekeken. ‘Superknap zelfs’, oordeelde trainer Ruben den Uil.
Alleen maar lachende gezichten bij Excelsior. Na het laatste fluitsignaal was daar de opluchting en trots die zich meester maakten van alles en iedereen die de Rotterdammers een warm hart toedraagt. Spelers vielen elkaar in de armen, Lewis Schouten greep de megafoon om het publiek op de Robin van Persie-tribune bij de viering te betrekken, Den Uil hield een toespraak alias dankwoord en showde zowaar zijn dansmoves.
‘Ontlading’, noemde de oefenmeester het. Alle spanning van de voorbije weken kwam eruit. Algemeen directeur Daan Bovenberg en scheidend technisch directeur Niels van Duinen waren ook op het veld en keken toe. Met een voldaan gevoel. De trainer en de directeuren hadden uitgekeken naar dit moment. ‘Twee dagen geleden zaten we bij elkaar en hebben we afgesproken dat we niets zouden plannen voor zondagavond. Laat het eerst maar gebeuren, de rest komt wel.’ De afsluiting middels een etentje zal spoedig volgen en de traditionele trip na het seizoen is ook in aantocht. ‘Daar weet ik niks van’, zei Den Uil oprecht. ‘Echt, ik ben niet op de hoogte.’ Noah Naujoks helpt Den Uil. ‘We gaan, maar weten nog niet naar toe. En je gaat mee. Dat hoeft een trainer hier niet te vragen aan zijn spelers. Sterker nog, deze trainer loopt voorop.’ De tijd voor dolletjes is duidelijk aangebroken.
© Pro ShotsOp de hoofdtribune deelde de club flesjes bier uit, iedereen deelde mee in de feestvreugde. ‘We begonnen slecht aan de wedstrijd, het was vandaag niet goed, maar het geeft nu even niet’, analyseerde Den Uil nog snel. Hij had zich duidelijk voorgenomen complimenten uit te delen. Dat doet de oefenmeester vaker, maar de kritische ondertoon is altijd aanwezig. Realisme noemt Den Uil dat meestal. ‘Nooit de realiteit uit het oog verliezen’, is een gevleugelde uitspraak van hem.
Den Uil vond zijn woorden in de euforie van het handhavingsmoment: ‘Deze groep is fantastisch. Dit is een prestatie van het collectief. We misten inderdaad een spits, daar is veel over gezegd en geschreven, maar we hebben dat samen zo goed opgevangen. Door hard voor elkaar te werken, door te strijden en door met elkaar iets fantastisch te doen. Onze dokter nam na zeven jaar afscheid en die gebruikte ook dergelijke woorden in zijn speech. Dat maakt me trots. Die gasten maken me trots.’ Of Den Uil zijn eigen besefmomentje al had gehad? ‘Dat komt wel, op een rustig moment thuis. Ik geniet hier op mijn manier.’