
'Ik hoop zo dat Afellay geen Kuijt of Van Persie wordt'
Columnist Nico Dijkshoorn gunt Ibrahim Afellay een nieuw carrièrepad.
Deze column is afkomstig uit het VI-weekblad.
Gisteren werd ik gebeld door Ibrahim Afellay. Hij zou het ook weleens leuk vinden om columns te schrijven. Hoe moeilijk kon het zijn, achthonderd woorden in de juiste volgorde achter elkaar zetten. Ik sprak hem niet tegen. Ik voelde ongeveer wat ze bij PSV moeten hebben gevoeld toen hij aan hun been hing met het verzoek om ook een soort een beetje van het eerste team te trainen. Afellay is iemand die je niet makkelijk iets weigert.
Aardige gozer, bovengemiddelde woordenschat, fijne voetballer, dramatisch medisch verleden. Ik twijfelde. Misschien dat we op deze plek om en om een column konden tikken. Eerst ik over een bepaald servies dat een of andere Roemeense club gebruikt om kapot te gooien wanneer de club weer eens heeft verloren en dan de week daarna Ibrahim met een echte voetbalcolumn vol fijne inzichten van iemand die tot voor kort deel uitmaakte van het gekkenhuis dat wij met zijn allen Betaald Voetbal zijn gaan noemen.