Hollandse naïviteit en gebrek aan kwaliteit
Reportage

Hollandse naïviteit en gebrek aan kwaliteit

6Reacties
Journalist VI

De 4-0 afstraffing die de Oranje Leeuwinnen kregen van Engeland leidde tot vragen en conclusies. Weer niet gewonnen van een topland, weer tactisch gefaald en weer op kwaliteit afgetroefd. Maar ook weer volhouden dat dit het juiste plan was. De naïviteit en eigenwijsheid wint het van realisme. En dat is zorgwekkend.

De conclusie lijkt eenvoudig: trainer en staf en speelsters lijken hardleers en Oranje hoort niet meer tot de wereldtop. Maar daar is bondscoach Andries Jonker het niet mee eens. En misschien is dat wel het grootste probleem. Gemaakte fouten inzien is ook een kwaliteit, soms hoef je keuzes niet te verdedigen, maar is het raadzaam toe te geven dat het anders had gekund of gemoeten. Jonker en de Oranje-speelsters lijken het realisme uit het oog verloren te hebben.

Sarina Wiegman legde in haar tactische analyse pijnlijk de zwakte van Oranje uit. Even daarvoor had Jonker uitgelegd dat de keuze om het zo aan te pakken een bewuste was. Voeg daarbij de uitspraak van de bondscoach dat het op enkele momenten misging en de conclusie moet zijn dat Jonker het duel nog maar eens goed terug moet kijken. Dan ziet hij dat het niet om enkele momenten ging, maar dat het een collectief falen was. Voeg daarbij de moeilijk te begrijpen wissels die hij na afloop slechts wilde onderbouwen door te stellen dat er iets moest veranderen zonder specifiek op het hoe en waarom in te gaan. Veerle Buurman en Esmee Brugts bleven in de kleedkamer, maar waren zeker niet de minsten. Sherida Spitse en Caitlin Dijkstra waren hun vervangsters. Met 2-0 achter en naar voren moeten en willen en dan Spitse brengen is niet uit te leggen.