Het wrange einde van Joseph Oosting in Enschede

Het wrange einde van Joseph Oosting in Enschede

Update: 4 september 2025 om 21:25
13Reacties
Journalist VI

FC Twente heeft donderdag per direct afscheid genomen van Joseph Oosting. De no nonsense-man uit Emmen leek in het eerste anderhalf jaar een droomtrainer voor de Enschedese club, die hij naar een derde plaats in de Eredivisie en een mooie Europese campagne leidde. Het voorbije halfjaar zag Oosting sleutelspelers vertrekken en groeide de onvrede over het spel en de resultaten. De selectie werd nog gerepareerd, toch is de trainer nu geslachtofferd.

‘Ik ga bouwen. Het komt goed.’ Met die woorden besloot Joseph Oosting anderhalve week geleden zijn verhaal over de 1-2 zege tegen SC Heerenveen. Zijn elftal had in het Abe Lenstra Stadion nog zeker niet het door de trainer verlangde voetbal gespeeld, maar in ieder geval wel vechtlust getoond. Oosting predikte geduld en probeerde zelf stoïcijns te blijven onder de groeiende onvrede. Maar onverstoorbaar was hij als trainer al een tijdlang niet meer. Het hele kalenderjaar was hij zoekende. Naar de beste manier van spelen, naar de juiste opstelling.

Mathias Kjølø, Sayf Ltaief, Mitchell van Bergen, Max Bruns, Michel Vlap, Bas Kuipers, Arno Verschueren, Daan Rots, Gijs Besselink; de lijst van puzzelstukjes waarmee Oosting in 2025 bleef schuiven is lang. Steeds meer spelers werden twijfelaars, Oosting bleef rouleren. En omgekeerd. De klassieke kip-eidiscussie van het voetbal.

Toenemend gemor

De keuzes van Oosting werden moeilijker te volgen, ook voor de spelers zelf. Ze wisten niet altijd meer waar ze aan toe waren. Het gesleutel van de trainer nam een vlucht na de vorige transferperiode. FC Twente verkocht de belangrijke basisspelers Anass Salah-Eddine en Youri Regeer, zonder er volwaardige vervangers voor terug te halen. Het voetbal ging daarna achteruit, ook omdat steeds meer spelers wegvielen met blessures. Het lange Europese seizoen eiste zijn tol. Het gemor nam toe. Onder supporters, sponsoren, bestuurders. Vooral technisch directeur Arnold Bruggink moest het ontgelden. Een paar dagen nadat FC Twente na de beslissingsduels met AZ naast Europees voetbal had gegrepen, stapte de oud-speler zelf op met stressgerelateerde gezondheidsklachten. Oosting bleef over, en werd het voornaamste mikpunt van kritiek.

Het leek lang een droomhuwelijk. Tussen de selfmade trainer die zich omhoog had geknokt via het woonwagenkamp in Emmen en de trotse volksclub FC Twente. Oosting verenigde twee voor het achterland belangrijke waarden, met de combinatie van een bescheiden karakter en een zucht naar bravoure als trainer. ‘FC Twente is een club die bij me past’, zei hij zelf in VI. ‘Trots, ambitie. En vooral: noaberschap. Het samen doen.’ Ontwapenend vertelde hij over de thuiswedstrijd tegen Hammarby, vlak nadat hij was overgekomen van RKC Waalwijk. Europees voetbal, een persconferentie geven in het Engels, de spanning voelen in het stadion: Oosting genoot ervan. ‘Naar buiten lopen, horen hoe al die mensen You’ll Never Walk Alone zingen. Mijn gezin op de tribune. Een brok in mijn keel. Wow, dacht ik bij mezelf. Hier heb ik al die jaren voor geïnvesteerd.’

Andersom waren ze ook onder de indruk. De achterban prees het aanvallende voetbal onder de nieuwe trainer, intern werd hij geroemd om zijn werklust. ‘Joseph maakt vier keer zoveel uren als Ron Jans’, verklapte één van de verantwoordelijke mensen vlak na de aanstelling. Hij wilde er niets mee afdoen aan het werk van Jans, die als sfeermaker en teambuilder een grote bijdrage had geleverd aan de wederopbouw van FC Twente. Maar onder Oosting werd meer geïnvesteerd in individuele ontwikkeling.

Ondersteunend beeld bij het artikel© Pro Shots

Geroemde aanpak

Spelers roemden de aanpak van de nieuwe technische staf. Zoals Daan Rots, die onder Jans nog een vertrek overwoog. ‘De staf was vorig seizoen vooral bezig met de eerste elf’, zei de rechtsbuiten terwijl hij opbloeide, in het eerste seizoen onder Oosting. Rots beschreef hoe zijn persoonlijke ontwikkeling een vlucht nam. ‘Voor elke speler wordt een individuele weekplanning gemaakt. Op welke dag heb je een gesprek met de trainer, wanneer ga je beelden bekijken, wanneer de tactiek bespreken. Vorig jaar bekeken we ook wel beelden, maar nu wordt alles nog persoonlijker gemaakt. Ongeacht je rol in de selectie. We trainen ook wat harder, vind ik. Intensiever. Soms ook iets langer. In de tweede helft merk ik steeds vaker dat ik een voordeel heb ten opzichte van mijn tegenstander. (…) Er wordt dit seizoen heel gericht gewerkt om individuele spelers beter te maken en die aanpak bevalt me enorm.’

Sem Steijn sprak later dat seizoen woorden van vergelijkbare strekking. ‘Ron Jans heeft het hier geweldig gedaan, onder Joseph Oosting zetten we een volgende stap’, oordeelde de aanvallende middenvelder. ‘We trainen wat meer, wat harder, en zijn specifiek op dingen gaan trainen. We gaan nu soms de sintelbaan op met een atletiektrainer, bijvoorbeeld. Hij focust op je manier van moet lopen, hoe je het best je voeten kunt zetten.’

'Keuzes van de trainer pakten steeds vaker ongelukkig uit. Het chagrijn nam toe, in en om de club. '

Bruggink zag een staf die zijn uitgangspunt als technisch directeur perfect vormgaf: een club die draait om ontwikkeling. Bruggink was dusdanig enthousiast, dat hij Oosting al vroeg in het eerste seizoen langer dan de aanvankelijke twee jaar wilde vastleggen. Het liefst wilde hij wachten tot het even wat minder zou gaan; juist dan zou een contractverlenging het sterkste overkomen. Oosting wekte ook interesse van andere clubs. Vorig jaar was er contact met Feyenoord, dat op zoek was naar een opvolger voor Arne Slot. Oosting wimpelde vragen over die belangstelling gauw af, hij wilde alleen kwijt dat een vertrek bij FC Twente voor hem niet aan de orde kon zijn. Hij was al met de club in gesprek over contractverlenging, voelde zich gewaardeerd en wilde loyaal blijven.

Gekanteld sentiment

Oosting sloot met zijn ploeg af op de derde plaats in de Eredivisie. Een positie die, na uitschakeling door Red Bull Salzburg in het voorportaal van de Champions League, leidde tot memorabele wedstrijden in de Europa League. FC Twente maakte indruk tegen Manchester United, Fenerbahçe, OGC Nice en Besiktas. Door een 1-0 overwinning op die laatste tegenstander overleefden de Tukkers de groepsfase, met grote euforie in Enschede tot gevolg. Die wedstrijd op 30 januari was een schaars hoogtepunt dit kalenderjaar.

Halverwege het seizoen schoven Bruggink en toenmalig adviseur Jan Streuer samen aan voor een gesprek in VI’s kerstnummer. De twee technische beleidsbepalers spraken lovend over Oosting. ‘Wat Joseph met zijn staf voor elkaar heeft gekregen, is superknap. Die prestatie wordt onderschat’, stelde technisch directeur Arnold Bruggink. ‘Joseph past bij de club. Ik denk dat de mensen hem ook zien als een trainer die lef heeft, wat heel goed bij de regio past. Hij is trots dat hij voor Twente mag werken, hij is boos als hij verliest. En hij is, dat vooral, een oprechte, goeie kerel. Integer. Dat is bij ons in de regio heel belangrijk.’ Streuer kon zich daarin vinden. ‘Zo’n trainer moet zeker een jaar of drie blijven. Waarom zou hij na dit seizoen weggaan? FC Twente was voor hem ook een fantastische stap. Hij leert nog genoeg bij.’

Na januari kantelde het sentiment rondom Oosting in rap tempo. De trainer wekte bevreemding door uit bij Bodø/Glimt tot de negentigste minuut te wachten met wisselen, terwijl de krachten zichtbaar wegvloeiden bij een aantal spelers. FC Twente verspeelde de kans nog een ronde verder te komen in Europa. In de Eredivisie werd het spel steeds stroever. Door een afstraffing in eigen huis door Feyenoord (2-6), een derbynederlaag tegen Heracles Almelo en een laat weggeven overwinning tegen Fortuna Sittard laaide de kritiek op Oosting in korte tijd in alle hevigheid op. Na anderhalf jaar stagneerde de ontwikkeling. Van het teamspel, van individuele spelers. Keuzes van de trainer pakten steeds vaker ongelukkig uit. Het chagrijn nam toe, in en om de club. FC Twente kende een opleving richting het einde van het seizoen. In de play-offs, tegen NEC en AZ, speelde de ploeg eindelijk weer met wat kleur op de wangen. Maar in Alkmaar zag Oosting zijn elftal de zege weggeven. Door een laat doelpunt van Ibrahim Sadiq koerste AZ af op Europees voetbal en Twente op een zomer vol zorgen.

Roep om ontslag

Er zou worden geïnvesteerd op karakter, maar ondanks de terugkeer van Robin Pröpper leverde FC Twente op dat vlak ogenschijnlijk juist in deze zomer. Sem Steijn en Michal Sadilek, misschien wel de twee meest gedreven spelers, vertrokken. Het scorend vermogen van Eredivisietopscorer Steijn werd node gemist, zo bleek al tijdens de voorbereiding. En was het middenveld niet heel eenvormig, zonder de ingevingen van Michel Vlap? Nieuwkomers Ramiz Zerrouki, Thomas van den Belt en Kristian Hlynsson zijn geen creatieve geesten, de al in januari aangetrokken Arno Verschueren evenmin. FC Twente leverde deze zomer in op scorend vermogen, technisch vernuft en karakter: er was weinig reden om aan te nemen dat het team plots een stuk beter zou gaan draaien. Niettemin was de openingswedstrijd tegen PEC Zwolle onthutsend. Een apathisch Twente creëerde vrijwel niets.

‘We moesten elkaar wakker schudden in de rust’, verzuchtte Verschueren na de 1-0 nederlaag. Een opmerking die Oosting en zijn stafleden zich moesten aanrekenen. Ze waren er niet in geslaagd hun spelers voldoende geprepareerd en gemotiveerd aan het seizoen te laten beginnen. De roep om het ontslag van de trainer zwol meteen aan, Jan Streuer predikte rust. Ja, ook hij was geschrokken van de start. ‘Maar er stonden acht nieuwe spelers bij ons in de basis. Paniek is nergens voor nodig’, zei de technisch directeur.

Spelers wonden zich op over de kritiek. Ricky van Wolfswinkel vond dat de selectie wel wat meer respect had verdiend. Robin Pröpper verbaasde zich over de negativiteit rondom Twente. En over de discussie over de positie van Oosting. ‘Volgens mij zijn die vragen gebaseerd op een irreëel verwachtingspatroon. Wat hij als trainer van FC Twente heeft bewerkstelligd, is enorm goed. In zijn eerste jaar werden we meteen derde. Maar dat wil niet zeggen dat we ons al structureel kunnen meten met de topdrie. Nu loopt het even wat minder, maar geef ons tijd. Geef de trainer tijd.’

Ondersteunend beeld bij het artikel© Pro Shots

Vertwijfeling

Twente toonde qua vechtlust verbetering tegen PSV, al waren de aanvallende tekortkomingen ook tegen de Eindhovenaren onmiskenbaar (0-2). De 1-2 overwinning bij SC Heerenveen gaf wat lucht. Oosting hoopte dat het een kentering was. ‘Die puzzel gaat vallen, daarvan ben ik heilig overtuigd.’ Een week later zakte Twente voor de tweede keer dit prille seizoen finaal door de ondergrens. Ditmaal bij Excelsior, dat een groot deel van de wedstrijd met tien man speelde maar wel met 1-0 won. Een blamage. Lichtpuntje was het optreden van de nieuwe linksbuiten Sondre Ørjasæter. Eindelijk een speler die aan de bal het verschil kan maken bij FC Twente. Oosting roemde de Noor, om zijn dribbels en zijn karakter. ‘Sondre is een ongecompliceerde jongen, dat vind ik wel mooi. Stoïcijns.’

Dat laatste was de Emmenaar zelf steeds minder. De vertwijfeling kreeg vat op hem. Op Woudestein had hij moeite een zinnige verklaring te formuleren voor wat hem zojuist was voorgeschoteld. Oosting had geen verhaal meer, anders dan zijn herhaalde pleidooi voor geduld. Streuer besefte dat de selectie niet op orde was. Hij haalde er vlak voor het sluiten van de markt met Daouda Weidmann nog een middenvelder bij, mede vanwege een blessure van Mathias Kjølø. En een ervaren buitenspeler, Marko Pjaca. De Kroaat zei na ondertekening van zijn contract overtuigd te zijn geraakt door Oosting. ‘Het plan van de coach is het belangrijkste. Het helpt je beslissen of je wel of niet komt.’ Dan zal het ook voor Pjaca een hard gelag zijn dat hij nooit onder diezelfde coach zal spelen. Na afronding van de laatste transferzaken achtte Twente een ingreep op de bank alsnog noodzakelijk. Een paar weken geleden was er volgens Streuer nog geen reden voor paniek, nu kennelijk wel.

' Het sportieve verval onder Oosting was onmiskenbaar. Hij pakte dit jaar minder punten dan pakweg PEC Zwolle en Sparta Rotterdam.'

Bergafwaarts

Enerzijds is een interlandweekeind een gekend moment voor clubs om slechtnieuwsgesprekken te voeren met trainer. Toch is de timing in dit geval tamelijk beroerd te noemen. In ieder geval vanuit het perspectief van Oosting: haalt FC Twente alsnog een paar spelers met wie het elftal beter aan het voetballen kan komen, krijgt hij niet meer de kans ermee te werken. Op dinsdagavond, als bij VI al is doorgesijpeld dat Oosting de volgende dag op zoek kan naar een nieuwe baan, ontkent Jan Streuer dat verhaal. Er wordt woensdag níet over de trainer gesproken, beweert de technisch directeur. ‘Dat is nu helemaal niet aan de orde.’ Op donderdag, na een met 0-2 verloren oefenwedstrijd tegen de Duitse derdedivisionist Alemannia Aachen, is het geduld kennelijk op.

Zo snel kan het dus gaan, in het voetbal. Zo word je bewierookt en lijk je voorbestemd voor de Nederlandse top kan, zo word je geofferd aan de boze buitenwacht. Zoals bij alle clubs zijn er ook bij FC Twente ontevreden spelers te vinden. Ook vorig jaar waren er bijvoorbeeld bij zaakwaarnemers wel eens minder positieve geluiden te horen over Oosting, vooral van spelers die in hun ogen te weinig in actie kwamen. Van wezenlijke, breed gedragen kritiek vanuit de selectie is voor zover bekend geen sprake. Het sportieve verval onder Oosting was onmiskenbaar. Hij pakte dit jaar minder punten dan pakweg PEC Zwolle en Sparta Rotterdam, en bood met zijn team al te lang te weinig weerstand in de grote wedstrijden (zie kaders). Het spel van Twente ging dit jaar ontegenzeggelijk bergafwaarts, maar dat is moeilijk los te zien van de afgeroomde selectie. Streuer kan zich niet vinden in de kritiek op de spelersgroep: die is beter dan vorig seizoen, zei hij nog voor het vastleggen van Pjaca. De tijd zal het leren. Tijd die Joseph Oosting niet meer is gegund.

Als trainer was hij zoekende bij FC Twente, als mens bleef hij zichzelf. Klaagde niet, speelde geen spelletjes, bleef zijn club waardig vertegenwoordigen. En kan dus met opgeheven hoofd naar buiten, ondanks de afgelopen maanden. De immer kritische aanhang heeft gekregen waar het al zo lang om smeekte en kan de woede gaan richten op een volgend mikpunt. De beleidsbepalers moeten hopen dat de spelers over meer ruggengraat beschikken dan zij nu hebben getoond.

Punten in 2025 (excl. gedegradeerde en gepromoveerde clubs)

Club

Wedstrijden in 2025

Punten

Ajax

21

47

PSV

21

43

Feyenoord

19

39

NEC

20

35

FC Utrecht

20

34

Sparta Rotterdam

20

33

PEC Zwolle

19

30

AZ

19

29

Go Ahead Eagles

21

29

FC Groningen

22

29

FC Twente

21

26

sc Heerenveen

21

24

Heracles Almelo

22

24

Fortuna Sittard

19

17

NAC Breda

20

14

FC Twente won slechts 3 van de laatste 13 competitiewedstrijden (2 remises, 8 nederlagen).

Resultaten van FC Twente tegen de top-5 vorig seizoen

Onderlinge tabel van de top-6 vorig seizoen

#

Club

Winst

Gelijk

Verlies

Doelsaldo

Punten

1

PSV

6

2

2

12

20

2

Ajax

5

2

2

18

18

3

Feyenoord

5

0

5

1

15

4

FC Utrecht

4

3

3

0

15

5

AZ

3

3

4

-1

12

6

FC Twente

1

1

8

-15

4

Van de laatste 15 competitiewedstrijden tegen Ajax, PSV, Feyenoord, AZ en FC Utrecht, won FC Twente er slechts één en gingen er liefst dertien verloren.

Puntengemiddelde FC Twente-trainer in Eredivisieduels (meer dan 34)

Steve McClaren

109

2.07

Michel Jansen

40

1.93

JOSEPH OOSTING

72

1.75

Fred Rutten

138

1.70

Ron Jans

102

1.70

Spitz Kohn

267

1.69

Kees Rijvers

204

1.69

Rob Baan

68

1.66

Hennie Hollink

61

1.64

Issy ten Donkelaar

48

1.56

Hans Meyer

120

1.55

Theo Vonk

204

1.52

Rini Coolen

55

1.38

René Vanderycken

68

1.31

René Hake

72

1.29

Alfred Schreuder

42

1.29

Fritz Korbach

68

1.19

Rob Groener

46

1.17