
Het WK 1998-dagboek van Guus Hiddink: 'Team was rijp voor de wereldtitel'
Na een rumoerig EK in 1996 komt het Nederlands elftal in 1998 dicht bij de wereldtitel. Met de bondscoach van toen, Guus Hiddink, blikken we terug.
Dit verhaal maakt deel uit van VI's zomerserie. Deze weken staan we met verschillende artikelen stil bij het zestigjarig bestaan van Voetbal International en de ontwikkeling die het Nederlandse voetbal in die tijd heeft doorgemaakt. Bestel hier de meest recente VI-editie.
De corridor tussen ontvangsthal en keuken, op de begane grond van zijn Amsterdamse woning, lijkt een minimuseum. Aan de muren is een eregalerij aangebracht waar zijn rijke carrière wordt uitgelicht. Successen met PSV, Zuid-Korea, Australië, Chelsea, Rusland en ook een beroemde omhelzing met Edgar Davids – daarover straks meer. Guus Hiddink fabriceert een cappuccino en ploft neer in zijn werkkamer, waar hij zojuist al een oude agenda met aantekeningen uit zijn archief heeft opgevist.
Sinds midden jaren negentig maakte hij notities. ‘Er zijn andere mappen met oefenstof, dit zijn in staccato gebeurtenissen en incidenten die me bezighielden.’ De kaft zit vol koffievlekken, maar binnenin is het doktershandschrift uit die mooie en warme zomer van 1998 intact. Toen Oranje een prachtig WK speelde, met Dennis Bergkamp die zijn droomdoelpunt tegen Argentinië in het collectieve geheugen plantte. ‘Het team was klaar om wereldkampioen te worden’, verzucht Hiddink, als hij de agenda openslaat bij mei en begint voor te dragen uit eigen werk.
28 mei 1998
Ik geef ze één dag bedenktijd om tot creatieve oplossing te komen.