
Gullit senior over Suriname en junior: 'Ruud heeft het talent van mij'
In de rubriek VI-Tijdmachine brengen we met regelmaat nieuwe verhalen over toen, en elke dag van het weekeinde herplaatsen we een artikelen uit ons rijke archief. Deze keer hebben we in aanloop naar de WK-play-offs van Suriname een verhaal uit januari 1990 opgeduikeld. Als Emile Schelvis namens VI een dag lang het spoor van George Gullit volgt. Jawel, de vader van de enige Ballon d’Or-winnaar met Surinaams bloed.
Als we ’s ochtends met George Gullit hebben afgesproken in de lounge van hotel Torarica, gebeurt er meteen iets merkwaardigs. Hij is twintig minuten te vroeg. Onze voorinformatie uit Nederland was wat afspraken betreft vrij duidelijk geweest: kijk in Suriname niet op een half uurtje, dat is vrij gebruikelijk. Inmiddels geacclimatiseerd aan de tropische temperaturen, zo schrijft VI-redacteur Emile Schelvis, en de wat langzamere werking van het lichaam, zijn we duidelijk verrast door Gullit senior. ‘Ach, ik had thuis toch niets meer te doen’, verklaart hij met een brede glimlach z’n vervroegde aankomst, ‘en ik weet hoe punctueel jullie Hollanders zijn. Ik heb er maar 26 jaar gewoond.’
Een schaterlach volgt. Het zal niet de laatste zijn, want George Gullit blijkt een onderhoudend causeur te zijn die z’n vrije leven, zoals hij zelf stelt, leeft in dienst van het voetbal. Hij is bijvoorbeeld trainer van Sentinel, een kleine club uit Paramaribo die strijdt voor een plaats in de Eerste Klasse, de op een na hoogste divisie van Suriname. Daarnaast zit hij in de begeleidingscommissie van de Surinaamse Voetbalbond, waar vooral aandacht aan de talentvolle jeugd wordt geschonken.
Ja, ik was een kritische vader voor hem. Ik liep hem nooit op zijn schouders te slaan dat-ie zo goed had gespeeld
Gullit vertelt: ‘Ik ben begonnen met de jongens van het elftal onder achttien jaar iedere dinsdag en donderdag van melk te voorzien. Daar is gewoon een schrijnend tekort aan. Voor andere spelers probeer ik verlof te krijgen van school als ze moeten spelen. Met dat soort dingen ben ik bezig. Ik heb een goeie naam, af en toe lukt het me nog dingen gedaan te krijgen waar anderen geen kans zouden maken. Daarbij heb ik nog wat relaties in Nederland. Maar ja, het blijft link materiaal te laten opsturen, want het kan zomaar ergens blijven hangen, als je snapt wat ik bedoel. En dan vind je bestelde schoenen terug op de zwarte markt.’
‘Wat dat betreft, is het een ramp in Suriname. De overheid doet niets voor de jeugd. Al zouden ze die cocaïnevluchten maar eens aanpakken, dat zou al een gebaar zijn naar de jeugd. Maar dat doen ze niet. Waarom niet? Omdat de meesten er zelf rijk van worden. Geld en macht maken van mensen de meest vreselijke monsters.’