
Marco Borsato was aan buitenbeentje René van Rijswijk niet besteed
René van Rijswijk is anno 2022 nog altijd een naam die veel belletjes doet rinkelen. Niet per se vanwege een soepele beweging buitenom, een spectaculair doelpunt of een stevige tackle. De reden dat de bescheiden aanvaller een stuk langer in de herinnering zal blijven voortleven dan andere bescheiden aanvallers, was zijn hele image. Alsof de gitarist van Soundgarden in zijn vrije tijd achter een bal aan holde.
In een tijd dat Louis van Gaal zijn Godenzonen er het liefst als koorknaapjes bij liet lopen en zich zelfs bemoeide met de lengte van het voetbalbroekje zodat de benen er beter in uit kwamen, had de laatbloeier van RKC haar tot bijna op zijn kont. Schoor hij zich liever niet, slofte hij rond op kistjes en had hij een houding dat het hem allemaal gestolen kon worden. En dat hele beeld werd nog eens versterkt door het eerste interview dat Van Rijswijk had met Voetbal International.
''Wat ik doe als ze er toch op aandringen om naar de kapper gaan? Dan ga ik recht voor ze staan, fluit een deuntje en loop weg''
Zo zou hij vele jaren later zelf beamen in de voormalige VI-rubriek Hoe Gaat Het Met: ‘In het begin van mijn carrière vond ik het ook wel leuk anders te zijn, maar dat is daarna een beetje aangedikt. In mijn eerste interview in VI kwam ik nogal bijdehand over, doordat te veel de nadruk werd gelegd op randzaken, terwijl ik voetbal gewoon heel leuk vond en erg fanatiek was. Maar dat imago is altijd aan me blijven plakken. Dat vind ik niet erg, ik ben dik tevreden over mijn carrière.’
Misschien profiteerde hij er ook wel van, niemand die René van Rijswijk niet kende. De rechtsbuiten die gemiddeld één keer scoorde per tien wedstrijden – als een spits ook nu nog enige tijd droog staat valt steevast zijn naam – hield het tot zijn 35ste vol in het profvoetbal. Speciaal voor zijn 51ste verjaardag bieden we in onze PRO-rubiek Historische Interviews dat eerste, veelbesproken vraaggesprek met VI nog eens aan. ‘Wat is dat, profvoetballer? Moet ik daar status aan ontlenen soms?’
Hij maakte zijn eerste doelpunt in het betaalde voetbal tegen Ajax, schrijft Leon van Eijndhoven namens VI, op vrijdag de dertiende. Een voorteken? Misschien wel. Want René van Rijswijk, aanvaller van RKC, mag dan van het voetbalspel houden, het profmilieu met zijn enge gedragsregels kan hem gestolen worden. Zijn toekomst ligt achter de horizon: hij wil reizen en dromen.
René van Rijswijk mag binnen de voetbalwereld als een opvallende verschijning worden aangemerkt. Zijn haar, dat hij sinds zijn achttiende heeft laten groeien, valt in lange golven over zijn schouders. De kledingmode heeft geen vat op hem gekregen. Van Rijswijk draagt een donkere slobbertrui met mouwen die tot over zijn handen vallen, een spijkerbroek en hoge kistjes. Hier staat geen profvoetballer en dat beseft hij zelf maar al te goed. ‘Ik zal mezelf ook niet snel als profvoetballer zien. Wat is dat, een profvoetballer? Moet ik daar status aan ontlenen soms?’
''Profvoetballers lopen elkaar blindelings achterna. Ze rijden allemaal in dezelfde patserige auto's en wat me ook is opgevallen, is dat ze allemaal hetzelfde type vrouw of vriendin hebben''