Zo lang mag de keeper de bal in zijn handen hebben (met uitzondering)
Vanaf medio 2025 wordt er strenger gehandhaafd dat keepers de bal niet te lang in hun handen hebben. Dat besloot spelregelorganisatie IFAB in de strijd tegen tijdrekken. In dit artikel lees je alles over die regel.
© Pro Shots

Maximaal acht seconden, anders hoekschop
Volgens de regels van de KNVB mag een doelman de bal maximaal acht seconden in de handen houden. Voorheen zou daarna (toen nog maximaal 6 seconden) een indirecte vrije trap volgen, maar doordat dit een vrij zware straf is, werd die regel vrijwel nooit gehandhaafd. In maart 2025 bracht de IFAB naar buiten de sanctie te hebben aangepast. Indien een keeper de bal langer dan acht seconden in de handen heeft, volgt een hoekschop voor de tegenstander.
In de reglementen staat gespecificeerd wanneer de tijd begint te lopen. Dat is als de doelman de bal 'in bezit' heeft.
'Een doelverdediger wordt geacht de bal in bezit te hebben als:
• de bal zich tussen zijn hand(en)/arm(en) bevindt of tussen zijn hand(en)/arm(en) en enig oppervlak (bijv. grond, eigen lichaam etc.);
• hij de bal op een uitgestrekte, open hand heeft;
• hij de bal stuit of in de lucht gooit.'
Uitzondering
Dit zijn de richtlijnen. De scheidsrechter bepaalt echter zelf wanneer hij start met tellen van acht naar nul. De laatste vijf seconden is hij 'verplicht zichtbaar af te tellen met een omhooggehouden hand'. Een hinderende aanvaller kan de telling beïnvloeden. In de regels staat immers dat 'de doelverdediger niet mag worden aangevallen door een tegenstander als hij de bal met zijn hand(en)/arm(en) in bezit heeft'.




