'vSeggelen heeft gelijk: liever Theo dan Ji-Sung'
Kent u ze nog? Rui Manuel Marques, Rui Dolores, Claudio Ciccia, Gisvi Issac Andrade Antunes, Luis Diogo, Romain Ferrier, Ivan Boskovic, Vincent Euvrard, Fernando, William, Cedric Moukouri, Francois Dubourdeau, Federico Turienzo, David Cordon Mesa, Andreas Mortensen, Sasa Stojanovic, Mariano Antonio Fernandez, Gary Caldwell.
© Pro Shots

Zo maar een greep uit het ruime assortiment buitenlandse spelers dat de laatste twee weken op proef was bij de diverse eredivisieclubs. Ze hebben allemaal nog een ding gemeen: na een paar dagen waren ze (uitgezonderd Marques) allemaal weer vertrokken omdat ze niet goed genoeg waren.
Ligt het nu aan mij of zijn de Nederlandse profclubs dit seizoen meer dan ooit aan het shoppen over de grenzen? Vreemd, want volgens mij zijn er nog nooit zoveel Nederlandse spelers op zoek geweest naar een profclub. We beleven deze zomer zelfs een primeur, want de Vereniging van Contractspelers (VVCS) heeft zelfs een rondreizend elftal opgericht dat her en der in den lande partijtjes speelt om werkloze profs aan een nieuwe werkgever te helpen.
Blijkbaar is het ook Theo van Seggelen opgevallen. De voorzitter van de VVCS klaagt openlijk: 'Het aantal buitenlanders is verdrievoudigd. Vorig jaar kwamen er zo'n tien tot vijftien buitenlanders naar de eredivisie, dit seizoen komen we dik boven de vijftig spelers uit. (...) Het is een slechte zaak, want de praktijk zal dit seizoen al heel snel uitwijzen dat de meeste buitenlanders niks toevoegen. Hier wordt niemand beter van.'
Nu overdrijft Van Seggelen een beetje, want dit seizoen zijn er geen vijftig maar (tot nu toe) 22 nieuwe buitenlandse spelers naar de eredivisie gekomen. De toename valt dus redelijk mee. Maar ik kan hem begrijpen. Ook ik zie liever Theo Lucius dan Ji-Sung Park, prefereer Glenn Loovens boven Karim Saidi en verkies Gregoor van Dijk boven Ivan Vicelich.
Neem PSV. De club die tot voor kort probeerde om jong Nederlands talent in te lijven, verwelkomde deze zomer tien nieuwe spelers, waarvan drie met een Nederlands paspoort: Cocu, Sibon en Zoetebier. Daarnaast arriveerden er zeven aanwinsten van over de grenzen, van Australië tot Peru, van de VS tot Hongarije. Hoeveel Nederlanders zou Hiddink nog in de basis laten starten: Bouma, Cocu, Sibon, Van Bommel, Ooijer. Dat zijn er hooguit vijf. En dan heeft Hiddink nog wel een flink aantal Nederlandse spelers in zijn (enorme) selectie: zeventien van de 32.
Bij Feyenoord en Ajax is de situatie nog slechter. Feyenoord verwelkomde vier buitenlandse spelers (tegenover twee Nederlandse), telt slechts acht Nederlanders in de selectie, waarvan er naar verwachting drie op een basisplaats kunnen rekenen: Paauwe, Bosschaart en Kuijt. Bij Ajax zijn er zeven Nederlanders, waarvan er hooguit vijf in aanmerking komen voor een vaste basisplaats: De Jong, Heitinga, Sneijder, Van der Vaart en Stekelenburg. Bij Roda JC en SC Heerenveen is de situatie weinig anders.
Van de 410 spelers die tot op heden deel uitmaken van een eredivisieselectie, hebben er 254 een Nederlands en 156 een buitenlands paspoort. Het mag dus duidelijk zijn waarom Van Seggelen zich zorgen maakt en waarom hij van plan is om met de KNVB en het Ministerie van Sociale Zaken om tafel te gaan zitten. 'Want het is onze taak om het Nederlandse talent te beschermen.'
Misschien dat KNVB-voorzitter Henk Kesler binnenkort nog eens langs Johan Cruijff moet gaan. Want had Cruijff al enkele jaren niet voorgesteld dat er altijd meer spelers uit het thuisland op het veld moesten staan, dan uit het buitenland. Lijkt me een mooie regel om mee te beginnen.
Raymond Beaard