Vitesse in de zwaarste crisis sinds de promotie van 1989
Vitesse, enkele jaren geleden nog een serieuze belager van de aloude top drie, bevindt zich in de zwaarste sportieve crisis sinds de club in 1989 onder leiding van Bert Jacobs promoveerde naar de eredivisie. De ploeg duikelde aan de hand van Mike Snoei intussen naar de veertiende plaats en is daarmee verworden tot een ordinaire degradatiekandidaat. Gevoegd bij het financiële wak waarin de ploeg verkeert, ziet de toekomst er voor de Arnhemmers donker uit.
© Pro Shots

Afgelopen woensdag verloor de ploeg kansloos van Excelsior met 2-1, en dat nog wel in het eigen Gelredome. Als de Rotterdammers niet zo slordig met hun vele mogelijkheden waren omgesprongen, was het duel voor de thuisploeg nog veel dramatischer geëindigd. Voor de 'fans' was het niettemin erg genoeg. Die hieven tijdens de Arnhemse martelgang spreekkoren aan tegen het Vitesse-bestuur, gooiden rotzooi op het veld (waarna een tijdelijke staking volgde) en wuifden met witte zakdoekjes in de richting van trainer Mike Snoei. De spelers hadden na afloop alle moeite om veilig het stadion te verlaten.
Zo snel kan het gaan. Want iets meer dan een maand geleden nog maar, was de Rotterdamse coach nog de gevierde man in Arnhem en omstreken. Vitesse had in het Weserstadion van Werder Bremen zojuist voor een enorme stunt gezorgd en Snoei kon niet meer kapot. Vandaar dan ook dat de trainer onverstoorbaar blijft. 'Dat weet je, dit hoort bij het vak. In Bremen en Boekarest ben je nog de held', aldus coach voor de microfoon van Omroep Gelderland.
Sindsdien (of eigenlijk al daarvoor) is er veel veranderd. Van de zestien duels verloor Vitesse er dit seizoen de helft. In het Gelredome werd slechts één keer gewonnen (van RBC Roosendaal) en vier keer verloren. Noot: afgelopen seizoen bleef de club in eigen stadion ongeslagen. Bovendien: de laatste negen duels leverde slechts één zege op, uit bij Willem II. En de laatste vijf wedstrijden waren slechts goed voor één schamel punt, thuis tegen De Graafschap. De vrije val werd al lang geleden ingezet.
En dus is er crisis. 'De sfeer wordt logischerwijs steeds slechter', reageert middenvelder Theo Janssen. 'Als je niet eens naar buiten kunt en wordt opgewacht door je eigen supporters, dan is dat niet leuk. Maar als je wint, kan het ook ineens weer omslaan. Dat is voetbal.'
En technische manager Jan Streuer: 'Ik vind niet dat we op deze positie thuishoren. Maar dat heeft met de vele blessures te maken. Als de selectie normaal is, hoeven wij voor bijna geen enkele ploeg onder te doen.'
Vitesse heeft inderdaad een waslijst aan geblesseerden. Tegen Excelsior bijvoorbeeld diende Mike Snoei het te stellen zonder tien spelers die normaal gesproken in de basis hadden kunnen staan. Snoei weigert dan ook toe te geven dat het zijn ploeg mankeert aan een gebrekkige mentaliteit. 'Dat is het niet', zegt hij. 'Het speelt wel mee, maar dat is meer een gevolg van frustratie. De vele blessures zijn van een veel grotere invloed, vooral omdat dat veelal zware gevallen zijn: jongens die terugkomen van operaties enzo. Voor de korte termijn heb ik alleen hoop op Ruud Knol, Matthew Amoah en Dejan Stefanovic. Zij zijn er komend weekeinde misschien weer bij.'
Op versterkingen hoeft Snoei echter niet te rekenen. 'Dat is niet aan de orde', haalt Jan Steuer maar meteen een streep door die rekening. 'Zoals bekend bevindt Vitesse zich in een financieel moeilijke situatie. We zullen moeten roeien met de riemen die we hebben.'
De Arnhemmers hebben nog één kans op een iets minder donkere kerst: dan zal komend weekeinde in Eindhoven bij PSV moeten worden gewonnen. De recente voortekenen zijn weinig gunstig (behalve de eigen malaise lijkt Guus Hiddink zijn ploeg eindelijk op de rails te hebben), maar wellicht kan Vitesse wat vertrouwen peuren uit het verleden. Zowel in 1989 als in 1993 won de ploeg in Eindhoven met 1-0, terwijl het in 1990 1-1 werd. In 2000 knikkerden de Arnhemmers PSV in eigen huis middels een 2-0 zege uit de beker, terwijl de ploeg vorig seizoen met dezelfde cijfers uit Eindhoven vertrok. Gert Claessens en Theo Janssen zorgden voor de treffers.





