Van der Sar: graag meer saves
'Ik ben maar een gewone jongen: mavo'tje gedaan en zelfs een keer blijven zitten. Ik stond er amper bij stil dat ik wel eens in het eerste van Ajax terecht zou kunnen komen. Nu het zover is, merk ik toch dat ik me soms wat anders gedraag. Dat gaat heel onbewust en even later denk ik dan: Edwin, dat had je niet moeten doen, doe toch normaal.'
© Pro Shots

Edwin van der Sar valt niet graag op. De doelman van het Nederlands elftal keept zonder franje. Door zijn rust, goede opstelling, voetballend vermogen en fysieke mogelijkheden lijkt het net alsof hij nooit echte reddingen hoeft te verrichten. Juist die eigenschappen zaten hem in het begin van zijn carrière dwars. Het Ajax-publiek, gewend aan vliegende keeper Stanley Menzo, werd opgezadeld met een lange, dunne doelman zonder uitstraling.
Van der Sar maakte foutjes maar die bleven op wonderbaarlijke wijze zonder gevolg. 'Ik zeg wel eens dat hij van geluk nog eens onder de tram loopt', zei keeperstrainer Frans Hoek in 1993 over Van der Sar. Louis van Gaal zag dat anders. 'Het is geen toeval, het is een kwaliteit. Op welke manier hij ballen tegenhoudt en of het esthetisch wel verantwoord is, dat is van minder belang.'
Zo ondervond ook het publiek. De man uit Voorhout kreeg nauwelijks doelpunten tegen en kon zonder probleem betrokken worden in het spel. Kortom, met Van der Sar onder de lat pakte Ajax prijzen. Hoofdprijzen zoals vier landskampioen- schappen maar bovenal de Champions League en de Wereldbeker. Van nobody tot volgens velen de beste keeper van de wereld.
En dus werd hij ook vaste doelman van het Nederlands elftal. In Oranje kon Van der Sar echter niet dat beetje extra bieden. Zowel op het EK'96 als op het WK'98 keepte hij zeker niet slecht maar die ene beslissende redding was er niet. Twee keer had hij in de strafschoppenserie een heldenrol kunnen vervullen, maar beide keren slaagde hij er niet in er ook maar één te stoppen. Tijdens Euro 2000 stopte hij in de halve finale tegen Italië wel een penalty. Zijn ploeggenoten zorgden er echter voor dat zijn redding waardeloos bleek.
Toen Van der Sar in 1999 naar Juventus vertrok moest hij zich opnieuw waarmaken. En ondanks weinig tegendoelpunten kreeg hij dezelfde kritiek. Geen beslissende reddingen. 'In de Serie A krijgt een keeper die een aanval vroegtijdig verijdelt door goed positie te kiezen of op tijd in te stappen weinig credits. Je wordt afgerekend op de echte reddingen, de een-tegen-een situatie.' Pas eind oktober kwam de ommekeer. 'In die wedstrijd had ik een paar echte, goede reddingen, waarvan één in de laatste minuut. Het was direct het keerpunt. Hij is inderdaad een keeper die punten kan pakken, las je toen.'
Maar de gewenste titel bleef uit. Op de laatste speeldag verspeelde Juve het scudetto. Ook in het seizoen 2000/01 mislukte de missie. Van der Sar werd vervolgens slachtoffer van de opmerkelijke aankoop van Gianluigi Buffon. De Nederlander vond uiteindelijk onderdak bij Fulham, dat hem daarmee ook van een plaats onder lat bij Oranje verzekerde. Bij de ambitieuze Londense club maakte Van der Sar in zijn eerste maanden grote indruk. Lange tijd was hij zelfs de minst gepasseerde doelman in het Premiership, totdat zijn club in de maanden februari en maart in een flinke dip belandde. Toch eindigde hij zijn eerste seizoen als een van de minst gepasseerde keepers in het Premiership.