'Stijgende spelersprijzen houden nooit op'
Met de transfer van Gonzalo Higuaín naar Juventus is de spelersmarkt weer in een nieuwe prijsklasse beland. Een miljoen of negentig kost de Argentijn. Higuaín is nu na Gareth Bale en Cristiano Ronaldo de duurste speler ter wereld.
© Pro Shots

Vermoedelijk zal Paul Pogba binnenkort een nieuw wereldrecord neerzetten. Zijn de stijgende spelersprijzen eindig? Makelaar Rob Jansen denkt van niet. 'Om de vijf jaar wordt deze vraag gesteld. Dat begon met Johan Cruijff die destijds voor zes miljoen gulden naar Barcelona ging. Daar waren Kamervragen over. Welke speler is miljoenen waard?'
Sindsdien verveertigvoudigden de afkoopsommen. 'Prijzen gingen naar twintig, dertig, veertig, vijftig miljoen. Heel de wereld viel over de zestig miljoen euro voor Figo. Toen kwam onze vriend Bale voor honderd miljoen, dat haalde CNN. En nu wordt er met Pogba weer een nieuwe marker gezet, zoals wij dat noemen. Dat houdt nooit op.'
Na de honderd miljoen voor Bale, in 2013, werd wereldwijd schande gesproken van zo'n obsceen bedrag. Jansen: 'Clubs willen allemaal winnen en elkaar aftroeven. Als de geldmiddelen bijna onuitputtelijk zijn, schieten de transferprijzen en salarissen omhoog. In feite bepaalt het publiek waar het stopt. Zolang de stadions vol zitten en mensen massaal tv kijken, stijgt het gewoon door.'