'Ruim 42 uur vliegen voor anderhalf uur oefenvoetbal'
Martin Jol hoefde twee weken terug geen seconde na te denken, toen hem in de perskamer van Ajax werd gevraagd wat hij van de oefentrip van het Nederlands elftal naar Australië vindt. Ook maakte Jol van zijn hart geen moordkuil, toen hij zei: 'Ik vind het helemaal niks.'
© Pro Shots

Hij trok er een vies gezicht bij. Tegelijkertijd klonk er berusting door in zijn stem. Jol weet dat protesteren geen zin heeft. Hij mompelde nog iets over commerciële belangen en vroeg zich af of zo’n trip eigenlijk wel medisch verantwoord is. De moraal van zijn verhaal: over anderhalve week krijgt hij Demy de Zeeuw, Gregory van de Wiel en Maarten Stekelenburg zo slap als een vaatdoek weer terug in Amsterdam.
Hetzelfde geldt voor de Nederlandse internationals van andere clubs. Binnen een tijdsbestek van nog geen zeven dagen vliegt de Oranje-selectie dwars door alle tijdzones heen die er te bedenken zijn. Het reisschema is inmiddels rondgestuurd door de KNVB. De bizarre week begint op maandag 5 oktober om 14.00 uur met een vlucht van elf uur en 25 minuten naar Hong Kong.
In die Zuidoost-Aziatische stad is er anderhalf uur om over te stappen op de volgende vlucht. Dan is het nog eens negen uur en tien minuten vliegen naar Sydney. De lokale aankomsttijd aldaar is dinsdagavond 21.00 uur, in Nederland is het op dat moment 12.00 uur ’s middags. De internationals krijgen na aankomst in hun hotel een avondmaaltijd voorgeschoteld en worden vervolgens naar bed gestuurd.
Dat zal lekker slapen zijn, met een Europees middagritme in hoofd en lichaam. De volgende dag staan twee trainingen gepland, daar blijven ze in elk geval wakker bij. Drie dagen later is de wedstrijd, zondag de terugreis. Die zal langer duren dan de heenreis, met een verwachte vliegtijd van negen uur en dertig minuten naar Hong Kong, een overstaptijd van tweeënhalf uur en een vlucht van twaalf uur en 35 minuten naar Amsterdam.
Daar is het op het moment van de landing vroeg in de maandagmorgen, met een lange dag vol opgestapelde jetlags in het verschiet. Het is nog nooit vertoond in de geschiedenis van het Nederlands elftal: in totaal 42 uur en veertig minuten vliegen voor anderhalf uur oefenvoetbal.
Het is niet voor niks dat Australië regelmatig oefenwedstrijden in Engeland afwerkt. Slechts weinig landen zijn bereid de lange tocht Down Under te maken, bovendien spelen de meeste Australische internationals in Europa en kan ook hen de slopende reis bespaard worden. Op die manier oefende Australië de voorbije jaren in Londen tegen Zuid-Afrika, Denemarken, Nigeria en Ghana.
De enige Europese landenploeg die de laatste jaren helemaal afzakte naar Australië was Griekenland, in mei 2006. Verder kwamen alleen nationale elftallen uit Zuid-Amerika incidenteel ingevlogen. Twee jaar geleden was Argentinië de laatste sparringpartner ter plekke, na een vliegreis van veertien uur.
Als bondscoach heb je het maar te slikken, dergelijke commerciële expedities. Er zullen deze week ongetwijfeld afmeldingen binnenkomen. Niet van journalisten – wij kijken al maanden reikhalzend uit naar deze trip – maar van internationals. Vermoedelijk met spierblessures. Om de clubs tegemoet te komen heeft Bert van Marwijk bij de KNVB aangedrongen op het spelen van slechts één wedstrijd in Australië, zodat de spelers tijdig terug zijn bij hun werkgevers.
Een handige zet waarmee hij goodwill heeft gekweekt. Als bondscoach grijpt Van Marwijk de reis om de wereld in zeven dagen mede aan om te kijken hoe zijn spelers zich houden onder vermoeiende omstandigheden. Hijzelf zal de lange vluchten niet vrezen. Integendeel: voor Van Marwijk betekent ruim 42 uur vliegen ruim 42 uur de mogelijkheid tot kaarten. Blijer kun je de wereldkampioen klaverjassen van het jaar 1975 bijna niet maken.
Simon Zwartkruis





