Ron Jans:‘Ik zie mezelf geen acht jaar trainer zijn van FC Groningen’

Praat mee!

Ron Jans (47) verlengde onlangs zijn contract bij het opstomende FC Groningen. Na Guus Hiddink en Foeke Booy is hij de langstzittende Eredivisietrainer. Als Gast in Gouda vertelt de kleurrijke coach over zijn succes én reageert geprikkeld op enkele VI-vragen.

© Pro Shots

fallback image Ron Jans:‘Ik zie mezelf geen acht jaar trainer zijn van FC Groningen’

We willen graag beginnen met uw optreden in het tv-programma Kiest u maar, dat de gasten pittige stellingen voorlegt. Zou u een speler werkelijk verbieden in VI uit te komen voor zijn homoseksualiteit?

‘Dit is wel heel hypothetisch. Ik ben voor dat programma naar Amsterdam geweest en kreeg daar in een studio allerlei vragen. Daarop heb ik gereageerd. Ze zouden ook zeggen wanneer het werd uitgezonden, maar via mijn schoonzus begreep ik dat het programma al op tv was geweest. Over de hele entourage heb ik niet zo’n goed gevoel overgehouden. Ik dacht al: Wat is het hier vaag.’

Is het niettemin wel een mening waar u achter staat?

‘Ik vind dat ik het in die uitzending wat stuntelig formuleerde. Het komt erop neer dat ik een speler niet zou verbieden voor zijn homoseksualiteit uit te komen, want die beslissing ligt bij de speler zelf. Wel zou ik het afraden, want als je daarmee voortdurend wordt geconfronteerd, komt het feit dat je voetballer bent misschien wel op de achtergrond. Vooral de uitsupporters zullen daar voortdurend liedjes over zingen en de speler zal gevraagd worden in elk televisieprogramma. Op zeker moment zal zo’n speler meer homofiel dan voetballer zijn.’

Heeft u de uitzending niet meer teruggezien? U werd neergezet als de stereotiepe conservatieve voetbaltrainer.

‘Dat moet dan maar. Als mensen op basis van één vraag of stelling een mening hebben over anderen, lijkt mij dat wel erg voorbarig.’

Hoe kijkt u in het algemeen aan tegen de manier waarop u wordt weergegeven?

‘Daarover ben ik tevreden. Ik moet wel zeggen dat toen ik net bij FC Groningen begon, erg lang werd doorgegaan op mijn verhaal dat er meer gelachen moest worden. Dan ging het maar over lachebekken en grapjes. Ik ben ook de trainer met het boekje langs de lijn. Niet dat ik daar vaak inkijk, maar op die manier kan ik gewoon dingen onthouden. Ik ga niet, omdat mensen dat vinden, zo’n boekje ineens wegdoen. Anderen kunnen niet leven met hun horloge om. Je hebt ook trainers die maar wat roepen, zo van: Die moderne trainers met hun vellen papier... Dat vind ik gewoon een domme opmerking. Ik heb een fantastische muzieksmaak, maar ik ga niet van iedereen eisen dat ze naar dat soort muziek luisteren. Heel lang hebben journalisten mij neergezet als een karikatuur, maar dat is veranderd. Nu word ik ook beoordeeld op het feit dat ik niet altijd clichés verkondig.’

Uw persconferenties worden à la Co Adriaanse steeds beroemder.

‘Ik bedenk dat niet geforceerd. Het is wel zo dat ik in elke voorbespreking de spelersgroep een soort prikkelend verhaal wil vertellen, met een invalshoek van die wedstrijd. Neem dat duel met Sparta; dan praat ik over Het Kasteel veroveren, belegeren, de deur inrammen, de muren bestormen. Datzelfde geldt bijvoorbeeld voor de Triviant-vraag voor de uitwedstrijd tegen Feyenoord. Dat zijn verhalen die ik vertel om de spelers te stimuleren, maar die komen dan later ook terug op de persconferentie. Ik zoek echt niet een manier om grappig te zijn in de media. Als ik een boodschap heb, dan wil ik die ook leuk verpakken.’

Krijgt u daarop ook negatieve reacties, zoals in Nederland wel vaker gebeurt met kleurrijke personen?

‘Dat valt wel mee. Weet je wat het is? Als je een paar keer verliest, dan kan het ook tégen je gebruikt worden. Dan zeggen ze: Hij praat wel lekker, maar laat hem eerst maar eens punten pakken. Soms zit je op het randje, bijvoorbeeld als je iets over mensen zegt. In VI heb ik weleens iets gezegd over de CBV-contributie van Bert van Lingen, daar heb ik achteraf spijt van. Maar soms kan ik er wat uitfloepen. Zoiets zou dus absoluut nóg een keer kunnen gebeuren. Laatst een ander geval tijdens de persconferentie na FC Groningen-Roda JC. Volgens mij was Huub Stevens toen ook niet zo gelukkig met mijn woorden. Ik zei: Huub heeft lange tijd in Duitsland gezeten en ik vond Die Abwehr glänzend organisiert. Als je de achterhoede goed neerzet vind ik dat een compliment, maar misschien klonk het wat cynisch en iedereen begon te lachen. Dat was niet de bedoeling. Als Stevens daar niet doorheen kan kijken vind ik dat jammer, maar daar heb ik op zich geen spijt van. Een beetje frivool moet kunnen.’

De perszaal in het nieuwe AZ-stadion wordt vernoemd naar Co Adriaanse. Misschien ook iets voor u in Euroborg?

‘Ik heb voor een seizoen bijgetekend en zit er alweer meer dan drie jaar. Als ik onderdeel word van de clubgeschiedenis, ben ik daar best trots op. Maar ik ben er niet op uit een zaal naar me vernoemd te krijgen. Ik doe het bovendien niet alleen, FC Groningen heeft ook een algemeen directeur en technisch manager die er al jaren zitten. Dat is een kracht van deze club.’

Had u dan niet beter een vijfjarig contract kunnen tekenen als continuïteit zo belangrijk is?

‘Nee. Wat als ik na een jaar merk dat de spelers zijn uitgekeken op de trainer of de progressie stopt? Ik wilde absoluut niet langer dan één jaar verlengen. Als het op een gegeven moment slecht gaat, kun je gewoon de pineut zijn. Volgend jaar kijken we opnieuw hoe we ervoor staan. Ik zie mezelf geen acht, negen of tien jaar trainer zijn van FC Groningen. Water moet stromen, niet stilstaan.’

Neem Foppe de Haan, onder hem is SC Heerenveen blijven groeien. Dan blijft het water toch óók stromen?

‘Foppe, Riemer van der Velde en SC Heerenveen hebben het fantastisch gedaan. Maar in de carrière van Foppe herken ik mezelf helemaal niet. Hij begon als trainer, werkte een tijdje als hoofd opleidingen en ook onder andere coaches. Ik zie mijzelf geen hoofd opleidingen worden of een stapje terug doen onder een andere trainer. Op gegeven moment moet je het ook overgeven aan iemand anders.’

Dus een trainer heeft altijd, om nog maar eens een term van Adriaanse te gebruiken, een houdbaarheidsdatum?

‘Mwoah, Co werkt gewoon heel anders. Ik vind het wel jammer dat al die spelers van AZ nu ineens zeggen dat Louis van Gaal de beste trainer is die ze ooit hebben gehad. Ik vind Van Gaal óók een fantastische trainer, maar ik denk dat deze openlijke opmerkingen van de spelers te maken hebben met de manier waarop Co afscheid heeft genomen. Dat is gewoon hartstikke jammer. Ik ben geen Co Adriaanse. Mijn houdbaarheidsdatum verstrijkt later dan die van hem. Hij werkt volgens het principe: Dit is mijn weg en daar gaat iedereen in mee. Ik werk anders. Wij hebben veel overeenkomsten, maar ik probeer mensen op míjn manier uit te dagen. Ik geef spelers verantwoordelijkheid en grijp in als het verkeerd gaat. Dan komen ze volgens mij tot een hoger niveau dan wanneer ze iets opgelegd krijgen. Ik ben een trainer die sámen met een selectie iets wil bereiken. Spelers vinden het heel normaal als de trainer zegt hoe de dingen moeten. Ik ben juist heel veel bezig met het stellen van vragen.’

Moesten de spelers erg wennen aan die werkwijze?

‘Ja, nog steeds zijn er spelers die denken: Ik heb liever dat de trainer gewoon zegt hoe we het gaan doen. Ze waren niet gewend in nabesprekingen zélf vragen te moeten beantwoorden met argumenten. Iets zeggen over jezelf valt soms al tegen, maar iets zeggen over een andere speler is helemáál vervelend. Op dat gebied zitten we nog steeds in een proces, om maar eens een rotwoord te gebruiken. Het gaat wel steeds wat makkelijker. Louis van Gaal heeft bij Ajax gehamerd op: communicatie, communicatie, communicatie. Dat is volgens mij heel belangrijk. Op de eerste dag van het nieuwe seizoen geef ik de spelers allemaal een papier met vragen als: Wat willen wij met het team bereiken? En welke doelen heb je zelf? Ik laat iedereen opschrijven waar zij willen eindigen met FC Groningen. Het zit nu tussen plaats twaalf en plaats acht. Een paar jaar geleden vulden jongens nog in dat ze zich zo snel mogelijk veilig wilden spelen en niet wilden degraderen. Dat wordt nu niet één keer meer genoemd, dat bevestigt dat we een niveau hoger zitten.’

Waren er spelers die UEFA Cup-voetbal invulden?

‘Nee, nog niet dit seizoen. Het behalen van de play-offs werd natuurlijk opgeschreven. Willen wij op korte termijn Europa halen, dan moet echt alles meezitten. Wij zijn niks minder dan een heleboel andere clubs in de Eredivisie, maar wij zijn ook niks béter dan een heleboel andere clubs in de Eredivisie. Ajax zal zich nog wel in de top-vier nestelen en ik heb onlangs nog ervaren dat ook Heerenveen een belangrijke kandidaat is bij de eerste zeven te komen. Maar wie zijn de andere clubs die daar kunnen eindigen? Vitesse misschien? Andere clubs roepen het misschien wel, maar dat zie ik niet zomaar gebeuren. Ik zie geen grote afstand tussen nummer zes en nummer dertien.’

Proeft u in die gesprekken met spelers een reëel zelfbeeld?

‘Een keer moesten ze via een lijst zichzelf beoordelen. Dan stond er bijvoorbeeld traptechniek en moest je een cijfer vanaf 1 tot 5 omcirkelen, van slecht tot zeer goed. Toen had de technische staf het allemaal positiever ingevuld dan de spelers zelf. Opvallend genoeg was in het tweede elftal de tendens dat voetballers zich te hoog inschaalden. Heel opvallend. Eén speler stond nooit in de basis bij dat team, maar vond zichzelf geweldig goed. Hij zit nu ook niet meer in het betaalde voetbal. Zelfoverschatting is een ernstige vijand, hoor. Ik zoek graag het contact met spelers.’

Bent u dan vooral een people’s manager?

‘Ik probeer zelf, al lukt dat niet altijd, dit soort Engelse woorden te vermijden. Co Adriaanse zegt het weleens en dat ben ik helemaal met hem eens: het Nederlands is zo’n mooie taal. Laatst las ik weer een stukje in de krant dat er veel meer tweetalig onderwijs moet komen. Waarom zeg je dan people’s management? Dat vind ik zó lelijk. Je kunt toch ook gewoon zeggen: Goed met mensen kunnen omgaan, enthousiast kunnen maken, prikkelen en motiveren ? Als dat je enige kwaliteit is, houd je dat nooit vol. Over Leo Beenhakker zeggen mensen ook weleens: “Hij heeft een prachtige babbel en een prachtige kop”. Maar hij zal toch ook wel iets weten van tactiek en een training geven. Anders houd je het nooit vol.’

Maar daar ligt toch wel uw kracht?

‘Ik ga niet van mezelf zeggen waar mijn kracht ligt.’

Dat moeten de spelers toch ook?

‘Ik denk wel dat het een sterk punt van me is. De gesprekjes die Henk Veldmate (manager technische zaken, red.) en ik voeren met spelers zijn inhoudelijk goed gestructureerd, we maken ze enthousiast. In het gesprek met Yuri Cornelisse dacht ik meteen: Dat komt wel goed. Dat wordt ook bevestigd nu hij al een poosje bij ons zit. Leuk om te merken.’

U heeft de weg omhoog ingeslagen met een veel jongere selectie.

‘Leuk dat jullie dat constateren, want het is absoluut waar. Binnen de scouting zijn daar ook discussies over gevoerd. FC Groningen was vaak toch op zoek naar gevestigde namen, maar die hebben de club niet hogerop gebracht. Welke oudere speler met een reputatie heeft de club nu vooruitgeholpen? Volgens mij niet één. We hebben ook gemerkt dat zulke voetballers niet altijd zitten te popelen naar Groningen te komen. Vaak zijn het toch spelers die bij een andere club net uit de toon vallen of fysiek wat problemen hebben. Nu kijken we naar voetballers die graag voor ons willen spelen en jong zijn. Vaak kom je dan uit bij talenten in de eerste divisie. Dat bevalt een stuk beter.’

Kunnen jullie SC Heerenveen achterna en een vergelijkbare grootmacht vormen in het noorden?

‘Ik vind dat een domme vraag. Wij zíjn al een macht in het noorden, wél kunnen wij qua budget en toeschouwersaantallen nog groeien. FC Groningen en SC Heerenveen zijn niet helemaal vergelijkbaar. Gronings is dialect, Fries een taal. De populariteit van Heerenveen heeft ook te maken met cultuur en folklore. Onze doelstelling is helemaal niet gericht op Heerenveen. Die club staat structureel op plaats vijf, zes of zeven. Wij denken dat een structurele plaats tussen vijf en tien mogelijk is. We kunnen nu wel Europees voetbal halen, maar dat zal nog niet logisch zijn. Als wij doorgroeien is het wél normaal dat we eens in de vijf jaar Europa ingaan. Saai verhaal, hè?’

Als je mensen in Amsterdam of Maastricht naar dé club van het noorden vraagt, zegt 99 procent: SC Heerenveen.

‘Daar heeft Heerenveen toch ook heel lang over gedaan? Misschien waren wij in het verleden wel een voorbeeld voor hén. Ik wil best zeggen dat Heerenveen een voorbeeld is van een club die met visie en beleid verder bouwt, maar ik geloof niet dat bijna honderd procent Heerenveen als dé club van het noorden ziet. Als wij laatst van ze hadden gewonnen, hadden we hier heel anders gezeten. Jullie zijn zó opportunistisch.’

Feit is toch dat SC Heerenveen sympathie in het hele land geniet. Na Ajax, Feyenoord en PSV is die club het populairst.

‘Helemaal waar, maar het lijkt net dat jullie Groningen en Heerenveen een beetje tegenover elkaar willen zetten. Het is wél zo dat Heerenveen in heel Nederland een positieve club is waar wij positief tegenaan kijken. Wij zijn bezig met FC Groningen en maken gebruik van onze kracht. Op lange termijn kan het gewoon niet dat RKC Waalwijk steeds boven FC Groningen eindigt. Ze doen het daar fantastisch, maar dan spelen ze een bekerwedstrijd tegen FC Twente en zitten er maar 850 mensen. Bij ons zaten er tegen ADO 8.500. Dat moeten we uitbouwen, met een groter stadion en een hoger budget. Maar een grootmacht kun je niet zeggen. Dat zou AZ zijn als ze er structureel bij komen. Wij halen nu vijftig procent van de punten. Daar moeten we net iets boven zitten, dan heb je je doel bereikt.’

Misschien moet u dan eens een uitwedstrijd winnen.

‘Spelers voelen zich sterker in hun eigen omgeving, als het publiek erachter staat. Dat is het verschil. In Heerenveen waren we kansloos, in de andere uitduels absoluut niet.’

U zei vóór de uitwedstrijd tegen SC Heerenveen dat duel te benaderen als een thuiswedstrijd. Wat bedoelde u daarmee?

‘Jullie zeggen het op een toon en met een blik waarbij jullie volgens mij denken: Wat is dat nou voor belachelijk idee? Ik vind het vreemd als jullie dat niet snappen. Het was de bedoeling de speelwijze van een thuiswedstrijd te kopiëren en ons publiek achter ons te krijgen. Wij voelden ons gesterkt omdat Heerenveen de donderdag ervoor Europees had gespeeld en gingen vol op de aanval, dat doe je niet zo snel in een uitwedstrijd. Alleen verlies je met 4-0 en dan hoor je een toontje van: Daar heb je Ron Jans met zijn trukendoos. Ik probeer gewoon de verpakking aangenaam te maken, maar als mensen daar misbruik van maken, word ik pissig.’

Verwijt u ons nu opnieuw opportunisme?

‘Het is gewoon zo: als PSV met 4-0 verliest van AC Milan en Aissati en Afellay spelen allebei mee, dan krijg je heel andere verhalen. Dan zijn ze er ineens nog niet aan toe enzovoort. Als wij winnen van Heerenveen en niet met 4-0 verliezen, dan heeft dat gewoon invloed.’

Wij proberen juist over de lange termijn te praten. Met zo’n grote achterban als u schetst, maakt FC Groningen in het nieuwe stadion toch een enorme sprong?

‘Andere clubs hebben die sprong al gemaakt. En wij hebben niet een aantal geldschieters die er heel veel geld in pompen, zoals bijvoorbeeld bij NEC. Ik heb mij over Heerenveen altijd afgevraagd: hoe kan het nou dat zíj een begroting hebben van vijftien miljoen en wíj van acht of negen miljoen? In die streek zit net zoveel bedrijfsleven als bij ons. Alleen zitten rond Groningen bijna alleen maar filialen, geen hoofdvestigingen. Uit dát gedeelte heeft Heerenveen veel meer inkomsten dan wij. Concurrenten als Roda JC en FC Utrecht hebben de sprong naar een nieuw stadion al gemaakt. Wij zijn een van de laatsten. Dat is ook een reden dat we een aantal jaren degradatiekandidaat zijn geweest.’

U bent na Guus Hiddink en Foeke Booy de langstzittende Eredivisietrainer. Hoe aantrekkelijk is het voor u nog jaren te bouwen aan FC Groningen?

‘Met de manier waarop ik werk kun je wat langer blijven zitten dan een trainer die zijn spelers helemaal uitknijpt. Ik vind wel dat het veel zegt over de voetballerij dat ik nu al op de derde plaats sta, terwijl ik hier pas drie jaar trainer ben. Drie of vier jaar vind ik een normale periode voor een trainer. Ik krijg wel regelmatig waarderende woorden. Trots op mezelf ben ik niet, maar het geeft me wel vertrouwen.’

U staat zich niet voor de spiegel op de borst te kloppen?

‘Nee hoor, ik heb nooit van mijn leven gel of oogschaduw gebruikt. Normaal gesproken draag ik geen opvallende kleding, voor uiterlijk vertoon moet je niet bij mij zijn.’

Is het mogelijk helemaal op uw eigen manier aan de top te komen?

‘Daar ben ik van overtuigd. Daar heb je geen dure pakken, snelle auto’s of bloemetjesmotieven voor nodig.’

Heeft u de ambitie de absolute top te bereiken?

‘De top zal niet zo snel op het idee komen Ron Jans aan te stellen als hoofdtrainer. Ik heb wel de ambitie mijn éígen top te halen. Bij de Nederlandse topclubs werken vaak oud-spelers met veel interlands en in het buitenland kennen ze de meeste Eredivisietrainers volgens mij niet eens. Vaak zie je ook coaches die bij een topclub hebben gespeeld, zoals Danny Blind.’

En Bert van Marwijk, Martin Jol, Louis van Gaal en Co Adriaanse dan?

‘Ik zeg ook niet dat het onmogelijk is. Als ze mij willen hebben, ben ik altijd bereid te praten. Ik zou het best willen proberen bij zo’n topclub. Maar ik spreek absoluut niet uit dat ik trainer van een topclub of bondscoach wil worden, want de kans is groter dat het níét lukt.’