Ongekende opluchting bij Wolves: beschamende reeks eindelijk beëindigd
Wolverhampton Wanderers heeft in de twintigste speelronde dan eindelijk voor het eerst gewonnen in dit Premier League-seizoen. Brighton & Hove Albion pakte zaterdagmiddag ook de volle buit in eigen huis.
© Pro Shots

De laatste overwinning van Wolverhampton Wanderers in de Premier League dateerde van 26 april van vorig jaar. Hadden de Wolves-supporters geweten dat daarna een donkere periode begon, dan hadden ze op die zaterdag in april intenser genoten van de zege op Leicester City. In de 23 daaropvolgende competitiewedstrijden won de club niet één keer. Dat gesnakt werd naar een zege, was een understatement van jewelste. De thuiswedstrijd tegen nummer achttien West Ham United was een mooie kans.
Wolves speelde eerder deze week al verdienstelijk gelijk uit bij Manchester United en begon vier dagen later geweldig aan het duel met West Ham. Jhon Arias opende in de vierde minuut al de score tegen de ploeg van voormalig Wolves-manager Nuno Espírito Santo. De thuisploeg had in de eerste helft het minste balbezit, maar wel de beste kansen. Mateus Mané werd na een halfuur gevloerd in het strafschopgebied en na tussenkomst van de VAR werd een strafschop toegekend. Hwang Hee-Chan benutte die koeltjes: 2-0.
Het werd in de eerste helft zelfs nog mooier voor de hekkensluiter. De achttienjarige Mané werd in kansrijke positie aangespeeld door voormalig Feyenoorder Hugo Bueno en klopte Alphonse Areola met een schot in de korte hoek: 3-0. Die goal leverde een bijzondere statistiek op. Sinds de start van vorig seizoen had een hekkensluiter in de Premier League twee keer een voorsprong van minstens drie goals in handen. Twee keer was dat tegen een ploeg die gecoacht werd door Nuno Espiríto Santo.
Het team van Rob Edwards gaf de voorsprong niet meer weg. Wolves werd eerder deze week pas de tweede club die op het hoogste niveau in Engeland geen enkele keer had gewonnen in de eerste seizoenshelft. Dat was Bolton Wanderers al overkomen in het seizoen 1902/03. Schaamte maakte zaterdag dan eindelijk plaats voor opluchting en vreugde. Zelden was een zege zo welkom.
Bij Burnley ontbraken zaterdagmiddag Zian Flemming en de veelbesproken Quilindschy Hartman. Hun landgenoot Jaydon Banel zat wel bij de selectie en nam plaats op de bank. Vanaf daar zag de 21-jarige aanvaller dat zijn ploeg het bijzonder lastig had tegen Brighton. The Seagulls namen vanaf het begin het initiatief en zochten naar een opening. Die werd na iets minder dan een halfuur gevonden. Een schot van Yasin Ayari kwam niet uit de verf, maar vanuit die poging viel de bal wel voor de voeten van Georginio Rutter. De aanvaller knalde de bal van dichtbij voorbij Martin Dubravka: 1-0.
Brighton verdubbelde de marge bijna met een acrobatische poging van Jan Paul van Hecke. De omhaal van de Nederlandse centrumverdediger, die net als Joël Veltman en Bart Verbruggen weer basisspeler was bij Brighton, leverde nog niet de 2-0 op. Die 2-0 kwam er vroeg in de tweede helft wel, via Ayari. Na een balverovering vlak buiten het strafschopgebied van Burnley schoot hij de bal laag en strak de verre hoek in. Een slotoffensief van Burnley leverde niets meer op. Verbruggen hield de nul voor Brighton, waar de teruggekeerde publiekslieveling Pascal Gross als invaller zijn rentree maakte.





