Monoloog: Jan Michels

Praat mee!

Op jonge leeftijd trok Jan Michels (33) aan de hand van Wiel Coerver door Europa. Toch kwam zijn voetbalcarrière moeizaam op gang. Dit jaar werd hij kampioen met FC Den Bosch, toch speelt hij ook volgend jaar weer eerste divisie. ‘Als ik terugkijk, denk ik niet dat ik er alles heb uitgehaald.’

© Pro Shots

Monoloog: Jan Michels

‘Zoals zoveel jongens was ook ik van kleins af aan bezig met voetballen. Dag en nacht was ik samen met mijn vriendjes te vinden op het veld van Activia. Ik was vroeger nogal druk en kon moeilijk stilzitten. In het voetbal kon ik al mijn energie kwijt. Op twaalfjarige leeftijd speelde ik zo aardig dat ik door Willem Beltman werd gevraagd om bij de Koninklijke UD te komen voetballen. Dat was een van de eerste clubs in Nederland waar men een jeugdplan had ontwikkeld. In die tijd deed net de Wiel Coerver methode zijn intrede, dat wil zeggen veel oefenen met de bal op techniek. Vlak voor de zomervakantie liep ik tegen een affiche op waarin stond dat je je kon opgeven voor een voetbalkamp. Thuis hadden we het niet erg breed en één week kamp kostte in die tijd vijfhonderd gulden. Uiteindelijk kregen mijn ouders het voor elkaar dat ik aan het voetbalkamp van Coerver in Beekbergen kon deelnemen.

Voor het eerst kon ik nu een hele week alleen met voetballen bezig zijn. Al snel pakte ik de oefenstof op en mocht ik de oefeningen zelfs voordoen. Ik was vrij klein en moest het vooral van mijn techniek hebben. Coerver, ex-trainer van Feyenoord, was op zoek naar dit soort spelertjes. Het beviel niet alleen mij, maar ook Coerver bijzonder goed en hij vroeg mij het jaar erop vijf weken te komen. In die tijd heb ik zo’n beetje alle hotels in Nederland gezien. Ook zijn we naar Engeland geweest en heb ik aan onder anderen Bobby Robson de oefeningen voor mogen doen. Voor een jongetje van twaalf jaar was dat natuurlijk geweldig. Ik wist niet wat me overkwam. Later hebben we nog een aantal videobanden gemaakt waarin ik de oefeningen voordeed. Ik werd er zelfs voor van school gehaald. Zoiets zou je je nu niet meer voor kunnen stellen. Mijn zoontje Nigel speelt in de D-jeugd van Vitesse. Hij traint een aantal keren per dag en wordt ook met zijn studie begeleid. Dat is iets wat ze in mijn tijd nog niet kende.

Hoewel ik al vrij vroeg veel met het voetballen bezig was, ben ik toch een laatbloeier. Pas op achttienjarige leeftijd maakte ik mijn debuut in het betaalde voetbal. Voor die tijd zagen ze het niet echt in me zitten. Ik mocht wel twee keer in de week meetrainen met de jeugd van Go Ahead Eagles, maar er was niemand die tegen me zei: “Michels, we nemen je”. Pas toen ik in mijn militairedienstperiode van Vught naar Wezep werd overgeplaatst en Willem Beltman had geregeld dat ik kon meetrainen bij FC Zwolle, was het Theo de Jong die wel in mij geloofde. De Jong regelde een klein contractje en betaalde mij nog uit eigen zak. Helaas voor mij vertrok hij twee jaar later en mocht ik transfervrij vertrekken. En weer was het Willem Beltman die mij aan een club hielp. Ik kon zonder contract gaan voetballen bij de reserves van Go Ahead Eagles. Vanaf dat moment kwam mijn carrière in een stroomversnelling en nog voor de winterstop zat ik bij het eerste.

Ineens ben je dan profvoetballer. Iets waar ik als jongetje van droomde en al die jaren voor had getraind. In het begin verdiende ik nog niet zoveel en werkte ik ’s ochtends en moest ik ’s middags trainen. Dat moest ook wel, want ik had al een zoontje en er moest brood op de plank komen. Gelukkig heb ik een groot verantwoordelijkheidsgevoel en heb ik het ook in de periodes dat het wat moeilijker ging altijd volgehouden. Het begin van mijn loopbaan staat in schril contrast met hoe het nu met de jongere spelers gaat. Tot voor kort kreeg je al een contract aangeboden als je een beetje tegen een balletje kon trappen. Alles werd voor die jongens geregeld. Tot een auto aan toe. Gelukkig keert de tijd dat je weer een beetje moeite moet doen om een contract te verdienen langzaam maar zeker weer terug. Je ziet ook dat de mentaliteit veranderd is. Ze hebben minder moeite voor hun carrière moeten doen, zijn ook meer verwend en denken dat alles vanzelf gaat. Aangezien ik in een groep nu natuurlijk altijd een van de oudere spelers ben, probeer ik de jongere wel altijd te helpen. Sommigen hebben er wat aan terwijl anderen blijven volharden in hun denkwijze. Wel hebben ze altijd respect voor mijn standpunten.

Na zes seizoenen Go Ahead Eagles stond ik onder meer in de belangstelling van Toulouse. De trainer, Giresse, was me een aantal keren komen bekijken en wilde me er graag bij hebben. Zelf was ik al vrij snel rond met de club en kon ik voor vier seizoenen tekenen. Kort voordat ik mijn contract zou ondertekenen vertrok Giresse en wilde Toulouse wachten op een nieuwe trainer. Zoals het dan zo vaak gaat neemt die ook weer eigen spelers mee en op het laatste moment ging de transfer niet door. Een teleurstelling want ik had me er al helemaal op ingesteld. Een mooi voorbeeld van hoe de voetballerij in elkaar zit is de manier waarop ik uiteindelijk bij het Schotse Motherwell aan de slag kon. Theo de Jong was bevriend met de technisch directeur en wist dat ik op dat moment zonder club zat en heeft mij daar aanbevolen. Zonder dat ook maar iemand van Motherwell mij had zien spelen, hebben ze mij een contract aangeboden. Puur op basis van het vertrouwen dat ze in De Jong hadden.

In Nederland had ik een bepaalde naam opgebouwd maar in Schotland moest ik me opnieuw bewijzen. Daar voelde ik me prettig bij. In het begin liep het allemaal nog goed en speelde ik iedere wedstrijd. Maar na het ontslag van de trainer kwam ik ernaast te staan. Hoewel ik nog een doorlopend contract had, heb ik na negen maanden mijn contract ingeleverd. Ondanks het korte verblijf in Schotland heeft het me als mens wel verrijkt. Het is goed om eens een kijkje in een andere cultuur te nemen. Al tijdens mijn verblijf in Schotland belde Martin Koopman, destijds trainer van FC Den Bosch, of ik interesse had voor een overgang. Niet veel later tekende ik bij Den Bosch.

Het is opvallend hoe het zit met de vriendjespolitiek in de voetbalwereld. Soms zie je dat een aantal spelers, met dezelfde zaakwaarnemer, naar een bepaalde club vertrekken. Kennelijk kunnen bestuur en zaakwaarnemers dan goed met elkaar overweg. Maar wanneer de relaties tussen clubs en zaakwaarnemers niet zo goed zijn, kan het weleens voorkomen dat persoonlijke gevoelens voorrang krijgen ten opzichte van het belang van een speler. Een transfer kan dan zelfs afketsen. Zelf maakte ik dat twee seizoenen geleden mee. Ik was transfervrij, wilde dolgraag terug naar Go Ahead Eagles, maar het lukte niet. Sommige beleidsbepalers en zaakwaarnemers beheren te veel hun eigen winkeltje waar een voetballer nogal eens het slachtoffer van wordt.

Afgelopen periode heb ik een geweldig mooi seizoen meegemaakt met FC Den Bosch. Ik was er al snel van overtuigd dat wij met onze selectie een serieuze titelkandidaat waren. Maar dat het slot van de competitie zo spannend zou worden had niemand kunnen bedenken. Helaas was ik in de laatste en allesbeslissende wedstrijd tegen Veendam geschorst en zat ik op de tribune. Nou ik kan je zeggen dat je tijdens zulke duels beter op het veld kan staan. Ik heb zelden zo nerveus naar een wedstrijd zitten kijken. De ontlading was er echter niet minder om. FC Den Bosch mag dan gepromoveerd zijn, zelf ga ik volgend seizoen weer in de eerste divisie spelen. Mijn contract liep af en ik had wel verwacht dat ik een aanbieding zou krijgen. De club wilde eerst liever de kat uit de boom kijken. Ze namen een gok door mij langer te laten wachten. Mede door de financiële situatie van Den Bosch overkwam mij dat twee jaar geleden ook al en toen heb ik zelfs drie weken zonder club gezeten. Uiteindelijk kwam Den Bosch toen alsnog met een aanbieding, nu hebben ze mij helemaal geen voorstel gedaan. De club wilde verjongen.

Ik vind het wel jammer om te vertrekken, maar echt teleurgesteld ben ik niet. Ik kan terugkijken op een heel mooie periode en vertrek met een promotie. Gelukkig waren er meer clubs die interesse hadden en uiteindelijk heb ik bij Sparta getekend. Dat is een mooie traditionele club. Aan de gesprekken met trainer Mike Snoei heb ik een goed gevoel overgehouden. Ik kan op verschillende posities gaan spelen en kijk erg uit naar 10 juli, wanneer de trainingen weer beginnen.

Als ik terugkijk op mijn voetballoopbaan, denk ik niet dat ik er alles heb uitgehaald wat erin zat. Dat heeft natuurlijk voor een deel te maken met de keuzes die ik heb gemaakt. Ben ik niet te lang bij Go Ahead Eagles gebleven? En in plaats van naar Motherwell te gaan had ik ook voor AZ kunnen kiezen. Die club had in die tijd ook serieuze interesse en ik heb zelfs twee keer met Dirk Scheringa om de tafel gezeten. Helaas liepen de onderhandelingen vast. Had ik dat allemaal anders gedaan, dan had ik wellicht een aantal jaren in de subtop van Nederland kunnen voetballen. Dat soort dingen kom je nooit te weten en achteraf is het altijd gemakkelijk praten. Ik ben in ieder geval niet ontevreden met wat ik heb bereikt.

Na mijn actieve carrière wil ik met de jeugd gaan werken. Ik ga dan proberen om de Wiel Coerver methode over te brengen op de jonge spelertjes. Er moet weer meer op techniek worden getraind. Het gaat niet alleen om de trucjes maar als je als voetballer over een goede basistechniek beschikt, ben je al goed op weg. Ik heb er altijd veel aan gehad. Hopelijk worden er in de toekomst bij clubs in de jeugd weer trainers aangesteld die zich vooral hiermee gaan bezighouden. Dat zou weleens moeilijk kunnen worden, want de bezuinigingen in het voetbal zijn ook niet voorbijgegaan aan de jeugdopleidingen.

Hoewel ik dagelijks op en neer moet reizen, ben ik Deventer altijd trouw gebleven. Mijn hart gaat sneller kloppen als ik de IJssel zie. Ik voel me er thuis. Vorig jaar heb ik er een oude boerderij gekocht, daar moet nog wel veel aan worden opgeknapt. Gelukkig ben ik van huis uit metselaar/timmerman en in mijn vrije uurtjes ben ik samen met familie, vrienden, maar vooral met mijn schoonvader die over gouden handjes beschikt, hard bezig met de verbouwing van de boerderij. Als deze klaar is, hoef ik hier nooit meer weg. Het zou geweldig zijn als ik mijn carrière bij Go Ahead Eagles kan afsluiten. Mijn liefde voor Go Ahead is even groot als mijn liefde voor Deventer. Maar die clubliefde gaat niet boven alles.’