'Louis blijft altijd dat jongetje in die korte broek'
Hij zal het niet snel toegeven, maar Louis blijft eeuwig het jongetje in de korte broek
© Pro Shots

Louis van Gaal in Duitsland, daar gaan we nog veel plezier aan beleven. Een feuilleton gaat het worden. Verhalen uit het verre München over Oom Louis. Een paar dingen vallen me op. Van Gaal is erg spraakzaam. Iedere journalist uit Nederland lijkt aan te mogen schuiven voor een manisch verhaal over zijn aanpak.
Dat zie je veel met coaches. In Nederland spelen ze stommetje en worden de journalisten na iedere wedstrijd verrot gescholden in een persruimte vol met broodjes natte ham en slechte koffie.
Zit de trainer een jaar later alleen in Oezbekistan, in een gehuurd appartementje, dan kan er opeens veel. Dan mogen de journalisten desnoods ’s nachts in hun onderbroekje tegen de trainer aankruipen om lepeltje lepeltje te slapen. Gezelschap is gezelschap. Als ze maar geen Oezbeeks hoeven te lullen.
Bij Louis speelt er iets anders. Hij is trots. En als je trots bent wil je delen. Zeker Louis van Gaal. En dat heeft iets aandoenlijks. Voetballers hebben het ook. Alles is mooier en groter bij hun nieuwe club. In Nederland moesten ze bijvoorbeeld zelf hun rug afdrogen. Bij hun nieuwe club staan er na het douchen drie mannetjes per speler klaar. Je hoeft alleen maar met je benen wijd midden in de kleedkamer te gaan staan en ze deppen je voorzichtig droog.
De Hollandse clan van Real Madrid kon er ook wat van. Allemaal hebben ze met een Nederlandse journalist door de catacomben van het Bernabéu gelopen. 'Kijk dan hoe dat cement is afgewerkt, prachtig, dat zie je bij ons in Nederland niet.' En dan de supporters! Die leven voor de club. Daar kunnen wij ons geen voorstelling van maken. Nou, om eerlijk te zijn, zie ik het juist precies voor me, die gekte.
De hele week in een opgerolde vlag van de club slapen, je vrouw in elkaar rossen op het ritme van het clublied, je dochter geel-zwart schilderen, als dat de clubkleuren zijn, vier keer per week schreeuwend iets zwaars door de televisie gooien als er geen voetbal wordt uitgezonden en met de hele familie 23 jaar timmeren aan een speciale doodskist in de clubkleuren, waar het hele gezin naast elkaar in kan worden begraven als de club onverhoopt een keer degradeert. Dan zie ik liever Nederlandse fans. Die eten een dag slecht en roepen 'Hup Feyenoord'.
Van Gaal is trots. Dat merk je aan alles. Niet op het stadion en de club, maar vooral op zichzelf. Dat heeft alweer iets aandoenlijks. Van Gaal wil graag overkomen als de keiharde trainer die moeiteloos van grote club naar grote club zweeft. Een wereldburger.
Iemand die het allemaal wel heeft gezien. Het tegenovergestelde is waar. Aan alles zie je dat Louis het zelf nauwelijks kan geloven dat hij bij Bayern zit. Hij zal het niet snel toegeven, maar Louis blijft eeuwig het jongetje in de korte broek, samen met zijn klasgenoten in een lange rij, tijdens gymnastiek. Er moeten teams worden gekozen. Doodstil staat hij. Spanning. Het hoofd gebogen. Zijn schoenen keurig schoongemaakt die ochtend. Niets aan het toeval overlaten. En dan als eerste worden gekozen. 'Ik neem Louis.'
Naar voren lopen en naast de jongen gaan staan die het team bij elkaar kiest. Je moet er je best voor doen, maar dat zie ik als ik naar Louis kijk. Een jongetje die als eerste wordt gekozen bij gym en net doet alsof hij dat eigenlijk al vermoedde. Diep van binnen juicht het, maar dat mogen wij niet zien.
Zo gaat het nu ook bij Bayern. Van Gaal geniet, leeft een droom maar doet net alsof het allemaal gesneden koek is. Hij legt de club meteen zijn wil op. Lange gesprekken zijn er gevoerd met de spelers. In een interview met VI legt hij uit: 'Ik heb zeer veel aandacht voor het totale-mensprincipe.' Daarna legt hij uit wat daar onder wordt verstaan. Dat lijkt me in Duitsland een eitje. Die hebben vanuit de recente geschiedenis wel iets met de De Totale Mens.
Ik zeg niet dat het in de volksaard ligt besloten, maar als je zoiets wilt uitleggen scheelt het toch als ze ruim vijftig jaar geleden in hetzelfde gebied hebben staan schreeuwen dat ze heel graag Der Totale Krieg wilden.
Louis zegt natuurlijk iets heel anders. Het gaat steeds om de boodschap achter het verhaal. Hijzelf is een totaal mens. Anders zou hij het ook niet kunnen uitleggen aan ander mensen. Zo is het eigenlijk met alle antwoorden van Louis. Ze lijken over het voetbal of over de club te gaan, maar uiteindelijk zegt hij slechts iets over zichzelf. Hoe prachtig hij is. Hoe warm. Hoe slim. Louis zegt in het interview dat de Duitsers erg moeten wennen aan hem, omdat hij een beroep doet op het verstand.
Dat is iets nieuws bij Bayern, nadenken over voetbal. Louis leert ze dat. Voordat Louis kwam stonden ze daar stomverbaasd naar een leren bal te kijken. Wat moesten ze er mee? Voorzichtig aan het ventiel voelen. Nee, er gebeurt niets. Ze dachten niet na. Louis leert ze dat nu. En waarom? Omdat hij zelf heel goed na kan denken.
Het interieur van het stadion klopte ook niet. Uit een van de interviews begrijp ik dat Louis meteen alle niet dragende muurtjes uit het stadion heeft laten slaan. De looproute aanpassen, heel belangrijk in het moderne voetbal.
In het interview met VI wordt aan Louis gevraagd of de staf van dertien personen niet wat groot is. Daar geeft van Gaal een veelbetekenend antwoord op. Hij kon niet anders. Louis zegt dat hij het een half jaartje aan gaat kijken. Hij zegt letterlijk: 'De club heeft me gevraagd deze figuren aan te houden.' Figuren... Dan weet je het wel. Die krijgen over een half jaar allemaal een hand, een wijze levensles, nog één keer een gesprek over de totale mens en kunnen dan iets leuks voor zichzelf gaan doen.
Dat is namelijk wat Louis van Gaal het liefst doet. Mensen beoordelen en uitleggen hoe het leven in elkaar zit. Niet omdat hij dat zelf weet, maar omdat hij doodsbang is dat er ooit nog een moment komt dat iemand het aan hem gaat vragen. En dat hij dan eerlijk antwoord moet geven.
Nico Dijkshoorn





