'In het trainersvak is geen einde, dus leer dat zelf te bepalen'
In recent onderzoek van de Coaches Betaald Voetbal (CBV) werd geschreven over de hoogspanning waaronder technische functies in het Nederlandse (betaald) voetbal staan. Betrokkenen vertellen op VI PRO hoe zij dat ervaren. Zo vertelt Sjors Ultee (38) over de groep van 38 die hij bij TOP Oss te managen heeft.
© Pro Shots

Ultee leerde als jonge assistent-trainer van Jan Wouters bij FC Utrecht over het hoofdtrainerschap 'dat je pas weet hoe het is, als je het bent'. Nu is de 38-jarige Ultee wat jaren verder, waarin hij Fortuna Sittard, SC Cambuur en TOP Oss coachte.
Ultee leerde dat hij in het spanningsveld dat de voetbalwereld heet moet delegeren. Hij haalt op VI PRO de cirkel van invloed erbij van Stephan Covey, een door trainers veelgebruikt instrument dat kort gezegd draait om alle zaken waar je directe controle over hebt.
'Als beginnend trainer wil je alles zelf doen en denk je dat dat moet. In delegeren zit, hoe ervarener je wordt, de grootste groei. Zo hou je tijd over. Ik werk bij TOP met 24 spelers en veertien stafleden. Dat zijn 38 mensen bij de club met de kleinste begroting en het kleinste spelersbudget van Nederland.'
Los van spelers en staf 'wil iedereen wat van je', legt Ultee uit over het trainersvak. 'Ook directie, media, sponsors en andere verplichtingen kosten uren van je tijd. Continu maak je keuzes. Ook dit gesprek wat we nu voeren, is weer een afweging. Ik heb een verloofde die hoogzwanger is en daar zijn we samen druk mee. Alle trainingen en wedstrijden worden gefilmd en die kun je honderd keer terugkijken. Er is geen einde, dus moet je leren om het einde zelf te bepalen.'
'Juist als je verliest is dat heel lastig. Je wil de situatie omdraaien, dus je hebt het gevoel dat je wel móét. Maar hoe ga je daarmee om, waar trek je de grens, hoe bewaak je iemands grenzen en gezondheid? Een uitgeruste trainer levert het meeste op, maar die balans is superfragiel en moeilijk te vinden. Dat is ook de uitdaging van het vak. Het hoort er ook wel bij in topfuncties, maar ik vind dat er voor de directie van clubs wel een rol ligt om die grens te bewaken.'
Lees op VI PRO meer over het onderzoek van de CBV en over trainers die een inkijkje in de complexiteit en intensiteit van het vak geven.





