'Gekrenkte clubliefde kan primitieve reacties oproepen'
Zelfspot houdt me op de been, ik kan goed relativeren en weet precies wat ik wel en niet beheers. Dan kan er weinig fout gaan. Ik ben somebody in de voetbaljungle, doordat ik met Voetbal International en mijn tv-optredens over een goed podium beschik.
© Pro Shots

Journalisten die denken dat zij opiniebepalend en invloedrijk zijn, overschatten zichzelf. Als ik mijn menig in een kleine regionale krant ventileer, maakt niemand zich druk. Doordat ik via mijn podia de beoogde doelgroep bereik, veroorzaakt dat geregeld commotie. Ik besef heel goed dat ik een modale voetballer was en een gemankeerde scribent ben. Maar ik werk al ruim veertig jaar in de grootste amusementsindustrie van Europa.
Ik profileer me met pittige meningen en commentaren in een erg emotioneel wereldje. Gekrenkte clubliefde kan onthutsend primitieve reacties oproepen. Voor die woede moet je begrip hebben, maar de reacties op een mening over voetbal worden zó agressief en intimiderend, dat het mijn dagelijks leven ingrijpend beïnvloedt. De situatie is zó schrijnend, dat je voor je gevoel van eigenwaarde regelmatig moet worden bedreigd. Mensen die een journalistieke functie hebben in het topvoetbal en niet worden bedreigd, stellen echt niets voor.
Helaas kent niet iedereen zijn beperkingen. Ik lees met veel plezier de columns van Mart Smeets, Auke Kok, Paul Onkenhout, Jaap de Groot, Hugo Borst, Bart Jungman en met een glimlach Nico Dijkshoorn. Chris van Nijnatten, de chef-voetbal van het AD, wil dolgraag in één adem worden genoemd met deze getalenteerde en goed ingevoerde columnisten. Dat kan hij vergeten, want zijn stukjes verzanden meestal in wartaal. Het boeit me nooit, halfweg haak ik af.
Daarom zoekt Van Nijnatten het in kwantiteit, hij doet elke dag een wanhopige poging. Anderhalve week geleden las hij op de voorpagina van De Telegraaf dat ik met de dood werd bedreigd. Indien ik bij de wedstrijd Willem II-Feyenoord zou verschijnen, zou ik worden neergeschoten. Op dat moment moest de chef-voetbal even laten weten dat hij ook een heel voornaam voetbaljournalist is. Hij schrijft: 'De voetbaljournalistiek wordt bedolven onder de bedreigingen, waarvan in enkele gevallen met de dood. Ik heb er zelf ook gekregen, een paar jaar geleden, niet van die hele fijne. Men wilde me thuis graag eens komen opzoeken.' Het is maar dat u het weet.
De journalistieke hotemetoot van het AD ziet een bedreiging als een statussymbool, ik verafschuw het. De wijze waarop we in dit land met elkaar omgaan, begint me in toenemende mate tegen te staan. Als doorsnee burger, zonder strafblad, heb ik mijn portie nu wel gehad. Niemand heeft last van mij, maar de verloederde maatschappij haalt mij het bloed onder de nagels vandaan.
Gouda heb ik zien veranderen van een gemoedelijke forensenstad in een door Marokkaanse jongeren geterroriseerd crimineel bolwerk. Een falende burgemeester bagatelliseerde alle problemen, waardoor de situatie escaleerde. Intussen is hij zó wanhopig, dat hij een keihard plan van aanpak bij liefst vijf ministers heeft gedeponeerd. Ook Amsterdam, Utrecht, Arnhem, Ede en Geleen kennen dergelijke problemen. Omdat ik de dagelijkse intimidaties zat was, ben ik zes jaar geleden al min of meer gevlucht naar het pittoreske Oudewater. Daar leef ik volslagen anoniem in een verbouwd klooster uit de Middeleeuwen.
De opgeschoten jeugd die op vrijdagavond de lokale jeugdsoos bezocht, zag dan hun plaatsgenoot van half acht tot elf uur met Jan Joost van Gangelen op de televisie. Na een paar glazen bier vonden die jongelui het heel opwindend mijn brievenbus, een keer of tien, op te blazen, eieren tegen de ramen te gooien, milkshakes tegen de voordeur te gieten en mijn vrouw via de intercom voor hoer uit te maken. De politie bellen heeft nauwelijks zin, want het politiebureau in een stad met tienduizend inwoners is maar een paar uur per week open. De agenten moeten uit Woerden komen, want de politie heeft andere prioriteiten dan belhamels achtervolgen die eieren tegen de ramen van een voetbalanalyticus gooien, maar je woongenot wordt er wel door verpest.
In de lokale pers heb ik om rust gevraagd. Ik heb deze jongelui geadviseerd iets nuttigs of leuks te gaan doen als ik in Hilversum zat. Trainen voor de marathon bijvoorbeeld of je laten pijpen in een fietsenhok. Toen ik in een landelijk medium zei het gevoel te hebben dat ik in Staphorst woonde, kwam de burgemeester plotseling in actie. Na een gesprek stond er meteen een wijkagent voor de deur – hij had die functie overigens voor de totale bevolking. Deze man is vervolgens met de beheerder van de jeugdsoos gaan praten en sindsdien is het rustig, maar mijn vrouw is weken geterroriseerd, beledigd en gepest. Waarom doen mensen elkaar dit aan?
Als voetbaljournalist heb ik intussen twee keer politiebescherming gehad. Nadat ik over een zwartgeldcircuit bij RKC Waalwijk had geschreven en niet was ingegaan op de aanbieding van een sponsor die me geld, een verbouwing aan mijn huis en een bezoek aan een bordeel in het vooruitzicht stelde als het artikel niet zou worden gepubliceerd, werd ik bedreigd. De politie in Waalwijk nam die bedreigingen uitermate serieus.
De tweede keer nam de Haagse politie het initiatief mij te beschermen tegen oprukkende hooligans. Namens RTL ben ik met bodyguards naar wedstrijden geweest, op het Mediapark werd ik een half jaar begeleid door bodyguards en in sommige stadions durf ik niet meer te komen, omdat ik geen trek heb overal voor mijn leven te moeten rennen. En dat allemaal omdat ik een mening heb over een keeper, trainer, voorzitter of club.
Ik schrijf en praat over een bijzaak in het leven, over voetbal. Ik zeg niet dat de voorzitter in kinderporno handelt, ik schrijf niet dat een speler drugs gebruikt en ook de buitenechtelijke escapades van de trainer komen nooit aan de orde. Ik heb slechts een mening over voetbal. De reacties verbazen me niet eens meer. Je past je razendsnel aan bij de verruwing van de voetbalwereld. Dagelijks ontvang ik ruim duizend e-mails; tien procent is bedreigend, onbeschaafd, beledigend en vaak beangstigend. Het is een prachtig communicatiemiddel, maar alle dorpsidioten en psychopaten kunnen ongestoord hun gang gaan en doen dat ook. Ik neem haatmails voor kennisgeving aan en ze gaan in de prullenbak.
Een gerichte doodsbedreiging was ook voor mij nieuw. Die bereikte mij overigens via de politie Midden-Brabant. Ikzelf heb nooit iets vernomen van de dader, hij kondigde het aan bij de politie. Opvallend was wel dat de media zich drukker maakten dan het slachtoffer. Vanaf 's morgens zes uur hingen er radiostations en tv-zenders aan de lijn, maar ik ga niet koketteren met een criminele actie die door de politie serieus wordt genomen.
Chris Wijsneus – u weet wel, de chef-voetbal – had het natuurlijk allemaal al eens meegemaakt. Hij heeft toen met Klaas Wilting gebeld, de voormalige persvoorlichter van de politie Amsterdam. Wilting had hem gewezen op het gevaar voor na-apers. Dus geen publiciteit. Daarom heeft Van Nijnatten tot slot nog een ongetwijfeld goed bedoeld advies voor me. Als slachtoffer van e-mailterreur had ik het advies van Wilting moeten opvolgen. Het scheelt publiciteit en de kans dat de dader wordt gepakt is volgens Sherlock van Nijnatten een stuk groter.
Er blijken ook andere strategieën succesvol te zijn. Wilting heeft de wijsheid niet in pacht en is de allerlaatste in dit land die met het advies moet komen uit de publiciteit te blijven. Nadat SBS 6 Show Nieuws op de hoogte was gebleken is er op de site van VI een kort, zakelijk bericht geplaatst en ik heb in Doordekken op Eredivisie Live er wat van gezegd. Een dag later hield de politie een 42-jarige Tilburger aan.
Tegen beter weten in hoop ik nu maar dat alle voetballiefhebbers gevoel hebben voor satire, dat ze gebabbel over voetbal niet te serieus nemen, dat ze kunnen relativeren, hoofdzaken van bijzaken kunnen scheiden en een andermans mening leren respecteren. Een column in een voetbalblad of een discussie over voetbal op tv mag niet ontaarden in zinloos geweld en crimineel gedrag. Je gaat elkaar toch niet met de dood bedreigen als je een afwijkende mening hebt over Willem II-trainer Andries Jonker, Henk Timmer, Marco van Basten of Jan Kromkamp?
De charme van het voetbal is dat iedereen een mening mag hebben over het favoriete gespreksonderwerp van alle liefhebbers en fanatici. Dat geldt natuurlijk ook voor mijn collega Van Nijnatten. Maar we moeten wél proberen in deze verloederende samenleving open te staan voor elkaars meningen en argumenten. Of is dat erg naïef?
Tot slot wil ik de honderden mensen bedanken die me – het heeft me aangenaam verrast – warme e-mails stuurden, het incident afkeurden en me steunden. Die mensen kunnen erop rekenen dat ik nooit een door mediatraining gehersenspoelde grijze muis of eenheidsworst word. Ik zal me blijven profileren met mijn oprechte mening. Ik ben niet op zoek naar waardering, ik vraag slechts om begrip en wat gezond verstand.





