'Een eigen mening wordt niet gerespecteerd'
Als je een mening hebt en je ook nog profileert in een column of in een televisieprogramma, ben je de hele week verzekerd van fanmail. De schandalige, beledigende, bedreigende en anonieme e-mails gooi ik meteen weg. Het valt me echter op dat steeds minder mensen een eigen mening respecteren. Mijn mening over de met andere werkgevers flirtende PSV-trainer Guus Hiddink leverde veel reacties op. De heer A. Nijman richtte zich zelfs tot mijn directeur Cees van Nijnatten, niet wetende dat een goede directeur van een uitgeverij zich nooit met redactionele aangelegenheden bemoeit. Hij stuurde zijn reactie ook nog eens naar het redactie-adres in Gouda en niet naar de directie in Amsterdam. Voor de heer Nijman was mijn mening zelfs een reden na bijna 37 jaar zijn abonnement op dit blad op te zeggen, hetgeen ik betreur. De heer Nijman was woest: ‘Vaak zit ik tenenkrommend voor het scherm als er weer eens een ongenuanceerde provocerende uitspraak wordt gelanceerd door de heer Derksen. Soms denk je dan: Laat maar lopen, er deugt in de ogen van deze sprekende papegaai van het Orakel van de Ramblas toch niets van de voetbalcultuur in Nederland. Afgelopen maandag echter spande de kroon. Wat Derksen hier presteerde richting Guus Hiddink grenst werkelijk aan het ongelooflijke. Vanaf het allereerste tot het allerlaatste moment werd deze coryfee onder de Nederlandse trainers zonder enige vorm van fatsoen door de almaar aan het woord zijnde Derksen op een gluiperige manier geschoffeerd.’
© Pro Shots

Omdat boze mensen veel eerder reageren dan lezers of kijkers die het roerend met je eens zijn, ben ik altijd blij met een paar adhesiebetuigingen tussen alle scheldkanonnades. De heer A. van Ekeren mailt: ‘Als ondernemer die zich al tijden aan de supporters-manipulatie en het in kwaad daglicht stellen van anderen in zijn omgeving ergert aan de heer Hiddink, dank ik u voor uw open en oprechte stuk in Voetbal International. Eindelijk eens iemand die niet door het stof kruipt voor een arrogant en vervelend persoon.’ Ook de heer P. Hellemons blijkt geen fan van Hiddink: ‘Met zijn pseudo-universitaire interviews en zijn onuitputtelijke bla-bla-repertoire ziet hij wel kans om van de achttien thuis gespeelde competitiewedstrijden er minstens vijftien te laten eindigen met teleurgesteld fluitende seizoenkaarthouders. Intern delegeert hij deze uitbarstingen van onvrede wellicht aan zijn assistenten Fred Rutten en René Eijkelkamp.’ De charme van voetbal is dat iedereen er een mening over heeft. Indien we elkaars mening respecteren, kan dat boeiende discussies opleveren. De verloedering van de samenleving zie je helaas ook al terug in de discussie over de lokale linksbuiten. En ik kan u verzekeren dat een aanhoudende stroom bedreigingen het geven van een mening er niet aantrekkelijker op maakt.
Deze week moeten Oranje-historicus Matty Verkamman, AD-columnist Hugo Borst, chef-sport Jaap de Groot van De Telegraaf en ik een belangrijke beslissing nemen. We zijn al jaren bezig met de realisatie van een nationaal voetbalmuseum. Sinds vorig jaar zijn ook editorial director Cees van Cuilenborg van dit blad en commercieel directeur Chris Woerts van Feyenoord bij het project betrokken. De gemeente Middelburg wil het voetbalmuseum onderbrengen in het dertig miljoen kostende leisurepark ZEP, maar als initiatiefnemers ben je vervolgens overgeleverd aan de politiek. De charismatische wethouder Hannie Kool en haar doortastende strategisch adviseur Henk de Vlaming hebben er alles aan gedaan, maar zij zijn weer afhankelijk van de provincie Zeeland. En dat kost zóveel tijd, dat we er moedeloos van werden. Zelfs de door het energiebedrijf Delta gefinancierde interim-managers van Boer & Croon kregen de politiek niet in beweging. Daar kwam verandering in toen Marc Taminiau van Het Land van Ooit kenbaar maakte dat hij graag een voetbalmuseum en een voetbal-themapark wilde bouwen. Het Land van Ooit ligt veel centraler dan Middelburg en stelt aanmerkelijk meer vierkante meters beschikbaar. Om het voetbalmuseum alsnog naar Middelburg te halen, heeft de provincie Zeeland de politieke zwaargewicht gedeputeerde Henk van Waveren in stelling gebracht om de besluitvorming te versnellen.
Na een kolderieke rondrit door Het Land van Ooit, met een enigszins gegeneerde Hugo Borst naast me, en een vergadering in het prachtige Provinciehuis in Middelburg met overuren makende politici, was ik afgelopen week ook nog te gast bij de Sport Vereniging Spakenburg. In het plaatselijke restaurant wist de serveerster al te vertellen dat ze rood was, maar dat ik naar de blauwen moest. Haar vriend was namelijk blauw en daarom bezochten ze iedere zaterdag afzonderlijk de wedstrijden. Aanhangers van IJsselmeervogels en SV Spakenburg nuttigen geen consumpties in elkaars clubhuizen, gunnen elkaar het licht in de ogen niet, maar leven wel samen in de besloten gemeenschap van Spakenburg-Bunschoten.
In 1931 richtten Frans Heinen, Jan Koelewijn, Bort Koelewijn en Jan de Graaf de voetbalclub Stormvogels op. Willem Heuveling zorgde voor een bal. Later werd de naam veranderd in Windvogels en uiteindelijk werd SV Spakenburg de definitieve naam. Wout Heinen is de beroemdste speler die de club voortbracht. Het dorp was in rep en roer toen hij in de jaren vijftig voor geld ging voetballen bij het Amersfoortse HVC. Dat geld was hem nog wel gegund, maar de meeste dorpsgenoten namen het hem kwalijk dat hij op zondag speelde. Er kwam een eind aan het profavontuur van de topscorer toen hij zijn moeder op haar sterfbed beloofde nooit meer op zondag te voetballen.
Nergens in Nederland is de concurrentie tussen twee plaatselijke clubs zo groot als in Spakenburg-Bunschoten. En nergens liggen de sportparken zo dicht bij elkaar. SV Spakenburg aan de Westdijk 12, IJsselmeervogels aan de Westdijk 14. De concurrentie werkt stimulerend; de clubs scouten landelijk, leggen sponsors in de watten en de accommodaties liggen er oogverblindend mooi bij. In de catacomben van SV Spakenburg waan je je bij een profclub. Alles is perfect geregeld; van de kleedkamers tot de bestuurskamer en van de sponsorruimte tot de skyboxen. Verder beschikt de club over een indrukwekkende sporthal. De traditionele derby tussen beide clubs trekt jaarlijks een kleine tienduizend toeschouwers en wordt door SV Spakenburg commercieel geëxploiteerd. Uit alle hoeken van het land komen er bussen vol voetballiefhebbers naar het vissersdorp om de wedstrijd van het jaar bij te wonen.
Vóór de derby krijgen die mensen een rondleiding door het pittoreske dorp. Ze gaan met een vissersboot het IJsselmeer op en voordat de wedstrijd begint kunnen ze onbeperkt vis eten. Zo’n dag rond de derby tussen SV Spakenburg en IJsselmeervogels moet een belevenis zijn. En als IJsselmeervogels wint, ligt niemand bij SV Spakenburg daar wakker van, want dan worden de rooien vanzelf blauw. SV Spakenburg blijft de kleine club van het dorp met twee zaterdagtitels en twee keer het algehele amateurkampioenschap van Nederland. Buurman en concurrent IJsselmeervogels won twaalf maal de zaterdagtitel en werd vier keer algeheel amateurkampioen van Nederland.
Johan Derksen





