De wervelende finale-route van destructiebedrijf Liverpool
Het Liverpool van Georginio Wijnaldum en Virgil van Dijk staat zaterdagavond voor het eerst sinds 2007 weer eens in de finale van de Champions League, waarin het Real Madrid treft. De route naar de eindstrijd was voor de ploeg van manager Jürgen Klopp een lange, maar bijzonder aantrekkelijke. Als een wervelwind denderden The Reds door het miljardenbal.
© Pro Shots

Liverpool begon de jacht op Europees succes al half augustus. Net als afgelopen seizoen eindigde Liverpool ook in 2016/17 als vierde in de Premier League, maar destijds leverde dat - in plaats van een rechtstreeks entreebewijs, zoals nu - 'slechts' een play-offticket voor het miljardenbal op. In die barragewedstrijd was Europa-debutant 1899 Hoffenheim de tegenstander.
Het heenduel op 15 augustus in de WIRSOL Rhein-Neckar-Arena ging de boeken in als de eerste Europese wedstrijd waarin het supertrio Sadio Mané/Roberto Firmino/Mohamed Salah samenspeelde, drie dagen nadat zij tijdens de Premier League-seizoensopening (3-3 bij Watford) allemaal al hadden gescoord. In de door Bjorn Kuipers geleide wedstrijd waren het echter twee unusual suspects die de aandacht trokken.
Het piepjonge toptalent Trent Alexander-Arnold schoot bij zijn Europese debuut een vrije trap binnen voor 0-1, routinier James Milner zag zijn inzet even later via een Hoffenheim-verdediger in de lange hoek verdwijnen. Omdat voormalig SC Heerenveen-spits Mark Uth kort voor tijd nog scoorde, leek de return nog spannend te worden. Op Anfield eindigde het echter in 4-2. Het bleek de eerste glimp van de ongekende aanvallende kracht van dit Liverpool.
© Pro ShotsRecord
Het is met het succes van nu nauwelijks voor te stellen, maar in Engeland waren ze - op de dag af exact - acht maanden geleden nog helemaal niet zo overtuigd van de Europese missie van Klopp en zijn mannen. Hoewel de loting voor de poulefase (Groep E, met Sevilla, Spartak Moskou en NK Maribor) best perspectief bood, was de start niet best. Een 2-2 thuis tegen Sevilla en een 1-1 bij Spartak Moskou op 26 september betekenden een teleurstellend begin. Het leidde tot de nodige vraagtekens in eigen land, maar vanaf dat moment was Liverpool niet meer te houden.
De ploeg haalde met 0-7 ongenadig hard uit in Slovenië, de wedstrijd tussen beide ploegen op Anfield eindigde in 3-0, Liverpool pakte in Spanje een punt (3-3, hoewel het weggeven van een 0-3 voorsprong tot woede leidde bij Klopp) en Spartak kreeg in Engeland tot slot een pak slaag van jewelste: ook 7-0. The Reds sloten de poulefase af als groepswinnaar, met een krankzinnig gemiddelde van bijna vier goals per duel. Daarmee verbeterde Liverpool het record van Manchester United, dat in het seizoen 1998/99 twintig keer scoorde, als meest productieve ploeg ooit in de groepsfase.
Met het aanbreken van de knock-outfase, begon ook voor Liverpool een nieuw tijdperk. In de eerste helft van het seizoen werd het eerder genoemde supertrio nog aangevuld met Philippe Coutinho, maar na de winterstop werd de Fab Four - door de overstap van de Braziliaan naar Barcelona - uit elkaar gehaald. Tegenover het vertrek van Coutinho stond de entree van Van Dijk, de duurste verdediger ter wereld die zich binnen no-time ontpopte tot een onmisbare kracht in de defensie van Klopp. De succesformule was daarmee gevonden.
FC Porto was in de achtste finale het eerste slachtoffer van de dadendrang van het Coutinho-loze Liverpool: door een hattrick van Mané en treffers van Salah en Firmino eindigde het duel in Portugal in 0-5. De return (0-0) was een formaliteit. In de kwartfinale maakten de mannen van Klopp zo mogelijk nóg meer indruk, door op Anfield het onklopbaar geachte Manchester City met 3-0 weg te blazen. Ook de return in het Etihad Stadium (1-2) werd knap gewonnen.
De halve finale tegen AS Roma werd vervolgens een historische ontmoeting. In eigen huis leek Liverpool zichzelf na 68 minuten door een 5-0 voorsprong te nemen al naar de finale te hebben geschoten, maar in de slotfase bracht Roma de spanning met twee treffers alsnog terug. De Italianen, die in de kwartfinale nog een geweldige comeback hadden gemaakt tegen Barcelona, konden ondanks de thuisoverwinning echter niet voor een tweede stunt zorgen. Mede door de eerste Champions League-treffer van Wijnaldum werd het 4-2: feest bij de Engelsen.
En dus gaat Liverpool zaterdagavond in Kiev op jacht naar weer eens een Europese prijs. Vijf keer werd de Champions League/Europa Cup I gewonnen, drie keer was Liverpool de beste in de UEFA Cup en drie keer werd de Europese Super Cup veroverd. Tegen veelvraat Real moet de twaalfde prijs volgen. De Spanjaarden wonnen echter de laatste twee edities én drie van de laatste vier edities van de Champions League. Maar de laatste ploeg die Real versloeg een in een Europese finale? Juist: Liverpool, in 1981. Hoop doet leven...







