Bedreigde spelers mijden bijeenkomst voor 'Don't fix it'
De internationale gokmaffia heeft voetballers die betrokken zijn bij manipulatie van wedstrijden (matchfixing) stevig in zijn greep. Dat ondervond de vanuit Nederland opererende mondiale spelersvakbond FIFPro tijdens een bijeenkomst in Hongarije voor het project Don't fix it.
© Pro Shots

Dit is de internationale voorlichtingscampagne waarvoor de FIFPro een subsidie kreeg van de Europese Unie. In Boedapest zouden spelers een boekje komen opendoen en uitleggen hoe zij verstrikt waren geraakt in het web van de gokmaffia. Het merendeel kwam echter niet opdagen.
Jurist Wil van Megen, aanwezig namens FIFPro: 'Hetzelfde liedje als vorig jaar in Brussel.' Daar werd het zwartboek over misstanden in het Oost-Europese voetbal gepresenteerd. Toen haakten op het laatste moment eveneens voetballers af die met eigen ervaringen over omkoping en geweld zouden komen. De enige die nog wel durfde, de Serviër Dragisa Pejovic, moest direct op de vlucht voor de maffia en onderduiken. Nu was het een speler uit Slovenië die werd bedreigd en zijn verhaal introk.
LezingVan Megen: 'Jammer, want aan de hand van persoonlijke verhalen wordt het voor de mensen concreter. Nu was er onder meer een lezing van de Canadese onderzoeker Declan Hill, die aangaf dat de leeftijd een belangrijke indicator is voor de kwetsbaarheid van spelers.'
Het project Don't fix it kost 300 duizend euro. De EU heeft een subsidie verstrekt van 180 duizend euro, de overige 120 duizend euro worden betaald door UEFA en FIFPro zelf. Behalve Hongarije zijn er nog acht landen die deelnemen aan het project: Engeland, Finland, Griekenland, Italië, Roemenië en Noorwegen, Schotland en Slovenië.
Alle gebruikte foto's op VI.nl zijn afkomstig van VI Images.






