'Als je in je eentje over de wereld reist, dan leer je voor jezelf opkomen'
De loopbaan van Steven van Dijk (28) is in veel opzichten bijzonder. De Apeldoorner werd profkeeper, hoewel hij pas op zijn dertiende voor het eerst in het doel stond.
Eigen foto

Bij VV Beekbergen was hij een vlot scorende spits. Tot hij een wedstrijdje wilde kijken van het team van zijn oudere broer, die keeper was. 'Opeens was hij er klaar mee', blikt Van Dijk terug op VI PRO. '"Kun jij even die goal in", vroeg-ie aan me.' Steven van Dijk deed handschoenen aan, pakte een paar ballen en had nog geen benul van de nieuwe toekomst die hem zojuist was aangereikt.
Als doelman kwam hij in de opleiding van zijn geliefde Vitesse, de club van zijn idool Piet Velthuizen. Van Dijk redde het niet in Arnhem. 'Als kind was ik heel verlegen. Ook in de omgang en de communicatie met teamgenoten was ik ingetogen.' Het werkte in zijn nadeel bij Vitesse, een club in transitie in die tijd. 'Onder Merab Jordania werd plots heel veel geld in de club gepompt. Er werd een nieuw trainingscomplex gebouwd. Er kwamen een heleboel buitenlandse spelers, ook in de jeugd. De concurrentie was heel groot.'
Van Dijk sneeuwde onder. Hij liet zich niet genoeg gelden, vonden ze in de opleiding. Coachte niet genoeg. Teleurgesteld verliet hij Vitesse. Maar de doelman gaf niet op. Werkte aan zichzelf, solliciteerde onvermoeibaar via social media en maakte carrière als eilandhopper. Na verblijven op IJsland, Australië en de Faeröer is Van Dijk nu actief in Nieuw-Zeeland, waar hij onlangs werd uitgeroepen tot beste doelman van het Zuidereiland.
Met South Island United komt hij uit in de nieuwe, internationale OFC Professional League. 'We begonnen in Auckland, zijn net terug van Papoea-Nieuw-Guinea en gaan nog naar Melbourne, de Salomonseilanden en Fiji.' Van Dijk geniet van alles wat hij meemaakt. 'Als kind wil je naar Barcelona, maar dat zit er niet voor iedereen in. Toen ik dat doorhad, nam ik me voor als keeper zoveel mogelijk van de wereld te zien. Dat lukt tot nu toe heel behoorlijk.'
Als doelman wordt hij nu geroemd om zijn communicatie, ooit zijn zwakke punt. 'Ik ben vocaal, stuur jongens aan. Ze noemen me een leider. Vind ik nog altijd een bijzonder compliment. Ik heb mezelf een schop onder mijn kont gegeven. Als je in je eentje over de wereld reist, dan leer je voor jezelf opkomen. Dat is nodig, in het egoïstische voetbalwereldje.'





