Koning Voetbalhumor: 'Die gehele generatie werd miljonair, behalve ik'
In deze serie met Mercedes-Benz rijden we door het hele land: van VELD naar VAN. We spreken oud-profvoetballers over hun verleden en hun carrièreswitch. Ooit reden ze met de spelersbus naar volle stadions. Nu rijden ze in hun eigen bedrijfswagen door het land tijdens hun tweede carrière. In de vijfde aflevering: de koning van de voetbalhumor, René van Dieren, die tegenwoordig uitvinder is.
© Pro Shots

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Mercedes-Benz.
Wat is het hoogtepunt van je voetbalcarrière?
‘Dan ga ik toch voor mijn debuut. Het was namens Feyenoord, NEC-uit. Ik zat in de dug-out en toen kwam de legendarische trainer Leo Beenhakker voor me staan. Hij trapte zijn peukie uit en zei: “Van Dieren, heb je er een beetje zin in? Ga maar lekker warmlopen, pik.” Ik vond het schitterend om onder zo’n grote trainer voor zo’n mooie club te mogen debuteren.’
Je hebt bij de jeugdploegen ook regelmatig het shirt van Oranje gedragen. Heb je daar mooie herinneringen aan?
‘Zeker! Op een gegeven moment hadden we een jeugd-WK in Argentinië. Louis van Gaal was onze trainer en verder gingen voetballers als Theo Janssen, Arjen Robben, Rafael van der Vaart en John Heitinga mee. Echt allemaal toppers. Bijna iedereen die daar namens Nederland heeft gespeeld, is miljonair geworden. Behalve Sjaakie hier dan, ik zit in een bedrijfswagen.’
© Pro Shots
Hoe was Louis van Gaal?
‘Ik vond het wel een moeilijke trainer. Hij was wat zelfingenomen en we hadden een selectie met jongens als Janssen die daar niet zo goed mee konden omgaan. Daarom was Theo na een tijdje ook weg, trouwens. Ik weet nog goed dat ik een keer als wissel moest gaan warmlopen, maar volgens Van Gaal deed ik dat niet fanatiek genoeg. De volgende dag hadden we de nabespreking en toen begon hij: “Van Dieren, het liefst had ik je nu gelijk naar huis gestuurd!” We waren achttien jaar en dan kwam hij compleet rood aangelopen voor me staan en sprak hij met een beetje spuug erbij. Man, daar werd je bang van.’
Naast je voetballende kwaliteiten stond je ook bekend als gangmaker. Wat spookte je allemaal uit?
‘We zaten als voetballers vaak de hele dag bij elkaar op de lip, dus dan wilde ik ook een beetje lachen af en toe. Dan hadden we bijvoorbeeld in de ochtend een training en daarna drie uur rust. Tegenwoordig zouden ze naar de sportschool gaan, maar wij gingen dan boobytraps bouwen. Daar waren we soms echt uren mee bezig. Dan deed iemand de deur open en donderstraalde er van alles naar beneden. Eén van de mooiste was altijd mijn grap met een wc-borstel. Die zette ik precies op scherp tussen de muur en de deur. Dan zat ik te wachten tot iemand naar de wc ging en dan slingerde zo die wc-borstel in zijn gezicht. Mooier wordt het niet, toch?’
Het klinkt alsof je heel veel plezier hebt gehad, maar ben je ook compleet tevreden met je carrière?
‘Ik droomde ervan om profvoetballer te worden, dus het is mooi dat ik het heb bereikt. Alleen, ik was best een talent en zat in die gouden lichting van Oranje. Dan had er achteraf natuurlijk wel wat meer in gezeten. Je moet ook een soort mentaliteit hebben om die extra stap te zetten, maar ik was altijd redelijk gemakzuchtig. Ik werd op een gegeven moment door Feyenoord verhuurd aan Fortuna Sittard. Dan moet je wel je stinkende best doen, als je daarna een mooie stap wil maken. Nou, ik nam een appartement midden in het centrum. Dat was het begin van het einde. In Limburg is het gewoon vanaf de elfde van de elfde ieder weekend carnaval. Ik liep iedere week in een pakkie en ik was binnen de kortste keren vijf kilo aangekomen.’
Je had het net over boobytraps, maar klopt het dat je tegenwoordig nog steeds van alles bedenkt?
‘Ik ben wel creatief. Mijn hoofd gaat soms tekeer en dan bedenk ik weer van alles. Zo heb ik een reclamebord bedacht, dat omhoog kan worden geklapt, waardoor toeschouwers droog langs de zijlijn staan. Vaak zit er nog een lekker warm heatertje bij ook. Bij AZ hebben ze er bijvoorbeeld tien in het stadion staan voor de mindervaliden.’
Hoe ziet jouw bedrijfswagen eruit?
‘Die hoeft van mij niet heel netjes te zijn. Het moet wel functioneel zijn. Want als ik iets nodig heb, moet ik er wel direct bij kunnen.’
© Pro ShotsWelke vijf mensen uit de voetballerij zou je graag meenemen in de bedrijfswagen?
‘Sowieso Paul Bosvelt. Ik weet nog goed dat ik een longembolie had en dat Paul één van de eersten was die langskwam. Dan ga ik nog voor Marco Heering. Toen ik als jonge jongen bij Fortuna kwam, zat hij al een beetje aan het einde van z’n carrière. Hij zat daar ook in z’n eentje en heeft mij toen een beetje op sleeptouw genomen. Dan kies ik nog voor Brett Holman, die Australiër waarmee ik bij Excelsior zat. We waren net kampioen geworden, maar we moesten nog één wedstrijd spelen. Onze trainer, Mario Been, gaf aan: “Jongens, jullie mogen best wat drinken, maar denk toch even aan die wedstrijd.” Nou, die Holman was niet te houden en ik trof hem de volgende ochtend nog knock-out aan in zijn bed. Hij kon niks meer, dus Been heeft hem ook maar naar huis gestuurd.’
Nog twee te gaan.
‘Dan kies ik voor doelman Jörg van Nieuwenhuijzen. De meeste keepers zijn gewoon niet goed bij hun hoofd. Misschien had ik daarom ook wel keeper moeten worden. Dan kies ik nog voor mijn oude trainer Mario Been. Hij kon goed tussen de groep staan én erboven. Goede humor ook, dus die mag ook mee. Het is een apart cluppie geworden, maar wel een mooi cluppie.’





