*

Voetbal International
Home / Achtergronden / Columns / Nico Dijkshoorn

'Als er reden is om te huilen, waarom dat dan verbergen?'

22/12/2009 14:15

Misschien komt het door de decembermaand, door de niets ontziende gezelligheid die langzaam onder je huid kruipt, maar de twee mooiste sportmomenten van vorige week kwamen op naam van huilende voetballers. Huilende sporters, dan kun je mij wegdragen. Weerloos ben ik.

Louis van Gaal, die in 2001 met een trillende lip afscheid nam van het Nederlands elftal; ik vergaf hem meteen alles. Dat hij de profs in een Deens hotel tot diep in de nacht slagroom had laten eten van een stel pornotieten, wat maakte het uit? Louis’ ogen vulden zich met tranen en dat was genoeg. Zand erover.

Ronald de Boer die jaren geleden, na een overwinning van Ajax, nauwelijks verstaanbaar en door een waas van tranen mompelde: ‘Dit hadden we zó nodig.' Een schat van een jongen, dat kan niet anders. Ikzelf jank een keer of 46 per week.

Gisteren nog, bij de afhaalsurinamer, die vroeg of ik wat extra zuur en sambal bij mijn eten wilde. Een half uur lang heb ik als een dweil in zijn armen gehangen. Iedere vertrekkende trein hol ik huilend achterna. Niet weggaan, mensen!

Voetballers zijn geen geoefende huilers. Er gaat ergens iets mis in de jeugdopleiding. Mijn zoon speelde twee jaar lang voor AZ, in de D2 en de D1, en daar werd nog volop gehuild. Bij elke overtreding lagen ze te janken. Op een of andere manier deed mij dat goed.

Een schop voor je poten krijgen, heel erge pijn voelen en dan die heerlijke dikke tranen. Al je teamgenoten om je heen en dan niet flink zijn. Nee, het juist laten gebeuren en hartverscheurend hard huilen. Het nasnikken is het mooist. Een natte spons in een van je liezen, tikje op je achterhoofd en doorspelen. Even oogcontact zoeken met je vader. Geen ontroerender mouw dan de mouw die tranen van een voetbalwang veegt.

Blijkbaar bereiken voetballers een leeftijd dat ze niet meer huilen, of dat ze niet meer mógen huilen. Ik vind dat heel jammer. Het zou veel toevoegen. Die rare film over Zinedine Zidane, een wedstrijd lang gevolgd door tientallen camera’s, wat had die veel mooier kunnen zijn. Zidane geconcentreerd in de rechterhoek van het veld en dan heel even oogcontact met een jongetje op de tribune.

Dat jongetje, verdomd, nu ziet hij het pas, dat is hij zelf. In Marseille, tussen rottende vis en schreeuwende vaders, dromend van een carrière als voetbalprof. We zien hem in slowmotion wellen, gevangen door twaalf camera’s, de traan en dan, als die te zwaar wordt voor het ooglid, het donkere spoor over de linkerwang. Zidane Huilt, zo had de film kunnen heten.

Voorhoedewerk had hij kunnen verrichten. Zinedine had een lans kunnen breken voor Het Nieuwe Huilen in de voetballerij. Na zijn rode kaart tijdens de laatste WK-finale had ik hem zo graag met schokkende schouders langs die beker zien lopen. Of, misschien nog mooier, schreeuwend met beide armen om zijn trainer geklemd, zoals kinderen zich aan moeders vastklemmen als zij voor het eerst naar school gaan. Als er alle reden is om te huilen, waarom dat dan verbergen? Laat het lopen!

Dat gebeurde twee weken terug. Er werd twee keer weergaloos mooi gehuild. Eerst door Sjaak Swart in De Wereld Draait Door. Er is een biografie verschenen over Sjaak. Mijn eerste gedachte toen ik dat hoorde: Fijn dat hij ’m niet zelf heeft geschreven.

Geef Sjaak Swart het woord over Sjaak Swart en je zit negentien weken naar hem te luisteren. Als vrienden met Sjaak Swart op vakantie gaan, staat hij dwars door de voordeur van hun slaapkamer om vier uur ’s nachts nóg te vertellen over zijn naar binnen draaiende voorzetten. Kennissen van Sjaak durven in een café geen ‘zwart’ te antwoorden als er wordt gevraagd hoe ze hun koffie drinken.

Staat Sjaak meteen weer naast ze, een middaglang te lullen over vroeger in De Meer. Het kan niet anders of Sjaak Swart is de vermoeiendste oud-prof van Nederland. Vraag aan Sjaak Swart of hij nog eens wil vertellen over die wedstrijd in de mist, ga vervolgens een marathon lopen, bouw een Ferrari uit losse onderdelen en kook alle recepten uit het Groot Indonesisch Kookboek van Beb Vuyk, je komt terug en Sjaak is nog maar net over de aftrap begonnen.

Toch ontroerde Sjaak mij, vorige week. Na een kort gesprekje lieten ze hem bij DWDD kijken naar de huldiging, vlak na zijn laatste wedstrijd voor Ajax. Daar zat Sjaak, op de schouders van zijn ploeggenoten. Ze droegen hem het veld rond. Hij deed een arm een beetje omhoog, zoals het hoort als je afscheid neemt. Waarschijnlijk heeft er nooit iemand met zó veel tegenzin afscheid genomen.

Terug in de studio wilde Sjaak er iets over zeggen. Hij brak. Er kwam nauwelijks geluid uit. Sjaak moest huilen. Het was magistraal huilen. Om alles wat was geweest. Om de herinnering aan de bewondering. Aan het geluid van stalen noppen op een stenen vloer. Het was huilen om het onomkeerbare. Daar zat hij, in zijn maatpak, te kijken naar Sjaak met blote benen. Het publiek in de studio klapte aarzelend.

Sjaak vond zijn stem terug. Hij legde uit dat vooral de beelden van Tante Leen en Johnnie Jordaan hem hadden ontroerd. Dat was erg lief van Sjaak. Wij wisten wel beter.

Afgelopen zaterdagavond huilde Kevin Hofland, nadat hij een doelpunt had gemaakt. Het was een mooi, volwassen, aangrijpend huilen. Van vreugde naar de traan. Als ik het had gewild, zou ik in alle kranten en alle voetbalprogramma’s hebben kunnen lezen of horen waarom Kevin huilde. Een verhaal over zijn zoon, de opoffering, de verlossing. Het eerbetoon. Ik heb dat niet gedaan.

Het was zo óók wel duidelijk. Veel belangrijker is het dat Kevin dúrfde te huilen. Dat hij niet – oh, de gruwel van de van tevoren bedachte uiting – zijn shirt uitdeed en wees op een foto van zijn zoon. Nee, het overkwam Kevin, hij holde en huilde.

Er was geen schaamte. Iedereen mocht het zien. Niemand vond het erg. Het was vernietigend mooi huilen van een groot sporter.


Nico Dijkshoorn

SPELERS

CLUBS

COMPETITIES

WEDSTRIJD

'Dit is niet normaal; bij John is een kans een goal'
Feyenoord-trainer Ronald Koeman over John Guidetti, die zondag tegen Vitesse zijn derde hattrick op rij in een thuisduel produceerde (clubsite)