'Van Persie in Servië, ik zou de documentaire graag zien'
27/11/2009 10:30
Voor Robin van Persie is het heel vervelend, zijn blessure, maar voor ons, het publiek, lijkt de behandeling een feest te worden. Van Persie laat zich behandelen in Servië. Een mooi gebaar. Van Persie is de man van het experiment. Hij zit op het moment dat ik dit schrijf ergens in Servië met een schapendarm om zijn nek tot zijn middel in een mengsel van stroop en azijn.
Als het om medische oplossingen gaat, zijn Serviërs genieën. In het nabije verleden hebben ze dat vaak genoeg bewezen. Bij zieke Kroaten sloegen ze voor de zekerheid meteen het hoofd er maar af. Baat het niet, dan schaadt het niet. Serviërs zijn onder zware omstandigheden heel praktische mensen. Naar verluidt werden tijdens de oorlog binnen drie minuten hele dorpen keurig verdeeld in mannen en vrouwen. Kroatische vrouwen mochten hun hoofd vaak gewoon op hun schouders houden.
De arts die Van Persie nu behandelt schijnt een magiër te zijn. Orlando Engelaar gaf Van Persie de tip. Blind vertrouwen hebben in een specifieke dokter, dat roept goede herinneringen op. Aan Ted Troost, ooit de fysieke vertrouwensman van onder anderen Ruud Gullit en Marco van Basten. Troost stond erom bekend dat hij nogal fysiek te werk ging. Met name Gullit raakte er niet over uitgesproken. Ruud was de natte spons en de peptalk van Gerard Meijer bij Feyenoord gewend en kreeg opeens te maken met Ted Troost, die tijdens het intake-gesprek losjes zijn linkerhand om Ruuds zak heen legde. Aanraken was het motto. Gullit ging daar zóver in, dat hij in 1994 na zijn overhaaste vertrek bij Oranje minutenlang op Schiphol stond te tongen met Frits Barend.
Ik vind het dapper, voetballers die een eigen koers durven te varen. Ricky van den Bergh lijkt me zo'n jongen. Als ze bij ADO Den Haag zeggen dat hij met een blessure driemaal daags heel voorzichtig een kuitbeen mag bewegen, dan hangt Ricky al omgekeerd aan zijn voeten in twee beugels in de houten omlijsting van zijn voordeur. Vooral niet doen wat de clubarts zegt. Als Ricky zijn trainer Raymond Atteveld ergens gek mee kan krijgen, zal hij het niet laten. Moet je maar niet aan Ricky's oren zitten.
Robin van Persie in Servië, ik zou de documentaire graag zien. De aankomst met een eenmotorig vliegtuigje van Arsène Wenger zelf, de rit van negentien uur, in het zijspan van een oude motor, naar de praktijk van de behandelend arts en je dan aan zo’n man overgeven. Het schijnt iets met het versneld aanmaken van cellen te maken te hebben. Wat maakt het uit? Het gaat mij om het beeld. Van Persie in zijn onderbroekje op de behandeltafel en vlak naast hem vier Servische vrouwen die zingend staan te roeren in een emmer vol placenta. Aan een waslijn hangen twaalf konijnen. Daarna met een stuk vuursteen in je nek iets liefs over je moeder zeggen. Het maakt Van Persie niets uit. Baat het niet, dan schaadt het niet.
Het zegt veel over Arsenal, deze move van Robin van Persie. Het is pure armoe daar, dat kan niet anders. Je verwacht de beste medische staf ter wereld in Londen, maar Van Persie weet blijkbaar beter. Die laat liever twee kruidenvrouwtjes in Oezbekistan naar zijn pis gluren dan dat hij de clubarts van Arsenal aan zijn rechterenkel laat voelen.
Baat het niet, dan schaatst het niet. Laat ik mij óók eens een Seth Gaaikemaatje veroorloven. Marianne Timmer brak vorige week vrijdag, een dag vóór de blessure van Robin van Persie, haar linkerhielbeen. Dat gun je niemand, maandenlang moeten revalideren met Henk Timmer vlak naast je op de bank. Marianne Timmer, een van de weinige dingen die Henk de laatste jaren goed klemvast had. Het zit diep bij mij, die keuze voor Henk.
Afgelopen weekend hoorde ik Henk Spaan nog een gedicht over Marianne voorlezen. Het zat vol met radeloos smachten en wild verlangen. Henk vroeg zich in het gedicht, geschreven toen Marianne nog vrijgezel was, hardop af met welke man zij in de toekomst het leven zou gaan delen.
Wie is er níét verliefd geweest op Marianne Timmer? Welke man heeft er níét van gedroomd: haar schaatsmutsje afdoen en dan dat blonde haar langs haar schouders zien vallen. Daarna zegt ze iets wat je niet verstaat en toch zeg je ja. Je gunt Marianne een man die tijdens een blessure gedichten in haar linkerenkel kan fluisteren. Desnoods een leuke voetballer, als het echt niet anders kan. Marianne Timmer en Marko Pantelic, ik zou er vrede mee hebben. Jan Wouters desnoods. Iedereen eigenlijk, behalve Henk Timmer. Ik heb dat ervaren als een keiharde trap in mijn kruis, die keuze voor een doelman.
Henk Timmer, dat is de nieuwe vriend van je dochter, die met een schaakdoos onder een arm naast je in de keuken komt staan en zegt dat hij later ook heel graag wil leren hoe je een appeltaart bakt. Henk Timmer is de schoonzoon die vlak naast je drie uur lang naar Lingo zit te kijken en heel hard de woorden mee raadt. Henk Timmer is de vriend met wie je op vakantie naar Tunesië gaat en die je bij het ontbijt hoort vragen naar een bruine boterham met kaas.
Ik had bij Marianne iets heel wilds en spannends verwacht. Iets met heel veel haar over het hele lichaam. Niet een toekomstige eigenaar van een herenmodezaak. Ik heb van verschillende mensen gehoord dat Henk binnen twee minuten al het bloed uit je gezicht kan lullen, zo saai. En die zit naast mijn Marianne.
Dat doet pijn. Marianne had met nu een Argentijnse midvoor in een appartement ergens in Buenos Aires moeten zitten, met een tros ijskoude druiven om haar geblesseerde enkel en een Argentijnse midvoor die ze langzaam met zijn lippen naar binnen zuigt. Marianne Timmer, je gunt haar Robin van Persie. Samen geblesseerd, maar wat kan het ze rotten? Ze hebben elkaar. Samen in bed en een Servisch mannetje met een rauwe lever onder een arm in de hoek van de kamer voor het geval ze elkáár blesseren. Daar zou ik vrede mee hebben gehad. Bij Henk Timmer zal ik me nooit neerleggen.
Nico Dijkshoorn
SPELERS
CLUBS
COMPETITIES
WEDSTRIJD
ARCHIEF NICO DIJKSHOORN
Willem de Vries, de eerste contractspeler ooit van FC Twente, over de steeds maar scorende Costa Ricaan Bryan Ruiz (De Telegraaf)


















