Column Johan Derksen - Afscheid van Gerrit en Ger
23/08/2010 10:00
Boven mijn bureau op de redactie wordt het prikbord in beslag genomen door de befaamde Esso-foto's uit 1958. Dat is mijn jeugdsentiment, die ploegen inspireerden me, de spelers waren mijn helden. Mijn generatie idolen is helaas aan het uitsterven. Op elke elftalfoto staan wel een paar voetballers die intussen zijn overleden.
Zo heb ik al afscheid genomen van Piet Steenbergen (Feyenoord), Jos Vonhoff (DWS), Dick Snoek (Eindhoven), Charly van der Weerd (Wageningen), Cor Smulders (De Graafschap), Pier Alma (Leeuwarden), Abe Lenstra (SC Enschede), Mick Clavan (ADO), Cor Luiten (DOS), Piet Kraak (Elinkwijk), Wout Heinen (HVC), Joop Schuman (Heracles), Cees Groot (Stormvogels), Jan van Geen (SHS), Coy Koopal (Willem II), Herman Teeuwen (VVV), Ad Verhoeven (Sparta), Coen Dillen (PSV) en Theo Laseroms (NAC).
Ik zou deze hele pagina kunnen vullen met spelers die ons zijn ontvallen. En elke keer grijpt het me weer aan, want deze lokale helden uit de romantische jaren van het betaalde voetbal in Nederland bepaalden min of meer de rest van mijn leven.
Als supporter van NEC kwam ik, achter op de BSA van mijn vader, in alle hoeken van Nederland. Zo zag ik als kwajongen dat NEC in de schaduw van de textielfabriek Rigtersbleek in Enschede werd weggespeeld. Rechtsbuiten Gerrit Trooster was ongrijpbaar.
Hij vormde eerder al een koningskoppel met midvoor Wim Bleijenberg. Na een wedstrijd in Amsterdam wilde Ajax het gouden duo van Rigtersbleek naar De Meer halen. Bleijenberg koos voor het geld, maar Trooster had het schoonmaakbedrijf van zijn vader overgenomen, voelde zich verantwoordelijk voor het personeel en bleef zijn club trouw.
In die tijd telde Enschede drie profclubs: SC Enschede met de nationale trots Abe Lenstra, Enschedese Boys met het wonderkind Egbert ter Mors, en Rigtersbleek met sterspeler Gerrit Trooster.
Die middag tegen NEC vormde hij een geweldig duo met de opvolger van Bleijenberg, Frans Olde Riekerink, terwijl Mannie van Tellingen een van de beste doelverdedigers van Nederland was en door Feyenoord werd begeerd.
Rigtersbleek was een buurtclub, een vereniging van het volk. De spelers verdienden een bescheiden salaris, maar de gelijknamige textielfabriek hielp ze aan een baan. Als lokale vedette werd Trooster meermalen benaderd door SC Enschede en Enschedese Boys, maar hij dácht niet eens aan een overstap.
Eens een Bleekman, altijd een Bleekman, was zijn motto. In 1999 zei hij in de rubriek Anno in dit blad: 'Ajax bood me een driejarig contract aan. Bleijenberg ging wél, ik niet. Ik durfde mijn schoonmaakbedrijf niet op het spel te zetten. Niet voor die paar centen. Daar heb ik nooit spijt van gehad. Rigtersbleek was alles voor mijn vrouw en mij. Wij hadden rood-wit bloed. Ik heb zelfs nooit overwógen de club te verlaten. Dat deed je niet.'
Trooster debuteerde op zestienjarige leeftijd in het eerste elftal en nam na zeventien seizoenen afscheid, toen de club wegens structurele financiële problemen in 1961 terugkeerde naar de amateurs. Hij runde in die periode zijn schoonmaakbedrijf, waardoor hij zich nooit louter op het voetbal kon concentreren.
Desondanks hoorde Trooster bij de vaderlandse subtop, maar hij bleef steken in het Bondselftal van de KNVB en werd nooit geselecteerd voor Oranje. Ook na zijn actieve carrière bleef hij Rigtersbleek trouw: als grensrechter, lid van de elftalcommissie, bestuurslid en vijftien jaar lang als vice-voorzitter.
Zijn bedrijf had hij verkocht, sindsdien rentenierde Trooster in Haaksbergen. Enige tijd geleden was ik te gast op een avond van de businessclub van Rigtersbleek in het gezellige clubhuis Het Paviljoen. Een smetteloos in het pak zittende oudere heer sprak me aan.
'Ik ben Gerrit Trooster', zei hij. 'Misschien heeft u ooit van mij gehoord?' Gehoord?! Beste meneer Trooster, die middag in de jaren vijftig heb ik u gehaat, maar ik heb u tevens bewonderd. En uw foto hangt al sinds jaar en dag boven mijn bureau. Twee weken terug overleed Trooster op 82-jarige leeftijd.
Omdat het een lokale held betrof, was het geen nieuws voor de landelijke media, maar Gerrit Trooster was een van de beste klassieke rechtsbuitens uit de historie van het betaalde voetbal. Hij was slechts wereldberoemd in Enschede en omstreken.
Ook Ger Lagendijk was een goede voetballer. Hij haalde nooit het niveau van Trooster, maar was een waardevolle speler voor ADO, De Volewijckers, Zwolsche Boys en Hermes DVS.
Lagendijk beleefde zelfs een heus buitenlands avontuur. Hij speelde een blauwe maandag bij het Canadese Vancouver Royals, waar de wereldsterren Ferenc Puskás en Bobby Robson in de helfst van hun carrière nog wat dollars opstreken.
Zonder te jokken, vertelde Lagendijk keer op keer dat hij met Puskás en Robson op één middenveld speelde. Bij Hermes DVS in Schiedam maakte Lagendijk in 1971 de saneringsoperatie van de KNVB mee, waardoor de club moest terugkeren naar de amateurs. In het boek Vijftig Jaar Betaald Voetbal zei hij daarover:
'Het was onbegrijpelijk. Dat heeft zó veel leed bij die club teweeggebracht. Het was ook onterecht. Hermes DVS had de zaken financieel en sportief goed onder controle. Toen de uitkomst van die sanering bekend werd gemaakt, stonden we op de tweede plaats in de Tweede Divisie, met uitzicht op promotie. De club is alleen afgerekend op het feit dat er weinig publiek kwam kijken.'
Lagendijk speelde bij Hermes DVS met doelman Ton Ruts, Sije Visser die later naar NEC zou gaan en Dick van Nierop die nog jaren voor Excelsior uitkwam. Spits Cees van Kooten werd uiteindelijk zelfs international en stond onder contract bij Lille, Telstar, Go Ahead Eagles en PEC Zwolle. Van Kooten zei in 2003 over Lagendijk:
'Ger was een beetje publiciteitsgeil, maar ik kon wel goed met hem opschieten. We hebben erg met hem gelachen. Samen met Wim van Baarle deed hij regelmatig Swiebertje en Malle Pietje na.’
Lagendijk runde in Ridderkerk een assurantie-, advies- en administratiekantoor en ging na zijn voetbalcarrière aan de slag als spelersbegeleider bij de VVCS, waar hij al bestuurslid was. Hij nam de taken over van Martin Snoeck en Karel Jansen senior, werd FIFA Agent en sloeg ietwat op hol.
Zo reed hij in voitures die niet bij een vakbondsman pasten, ging hij gekleed in nerveus gesneden maatkostuums, droeg hij altijd een gouden balletje op zijn revers en waren zijn schreeuwende stropdassen even bekend als zijn eeuwige vette glimlach.
Zijn gedrag was niet kwadaardig, het was pure ijdelheid. Op zijn directiekantoor in Ridderkerk hingen louter foto's van Lagendijk met beroemde voetballers, waardoor hij de bijnaam Wethouder Hekking verdiende. Hij had wél een indrukwekkend netwerk.
Zijn boezemvriend Kees Ploegsma senior maakte hem huismakelaar bij PSV, Lagendijk was een succesvol scheidsrechter in de top van het amateurvoetbal en werkte voor de Stichting Arbeidszaken, KV Mechelen – waar hij later persona non grata was – Anderlecht en Feyenoord.
Hij haalde de mislukte Zweedse trainer Gunder Bengtsson naar De Kuip. Lagendijk was nergens populair, vanwege zijn arrogante en autoritaire werkwijze, maar de spelers die hij begeleidde waren wél lovend over hem en bleven hun zaakwaarnemer eeuwig trouw.
Als trainer van FC Utrecht maakte Barry Hughes ooit een scoutingreis door Engeland. Ik vergezelde hem en het was een gedenkwaardige trip. We bezochten de legendarische Sir Matt Busby bij Mancester United en in het tweede elftal van Southampton ontdekte Hughes een speler die als potloodventer was veroordeeld.
Bij Brighton zagen we Hans Kraay junior bikkelen met de reserves, bij Watford begroette voorzitter Elton John ons persoonlijk. Arsenal bood Hughes een voetballer aan die was veroordeeld voor verkrachting en toen we in de omgeving van Derby stopten bij een hotel lang de snelweg, troffen we de beroemde Nottingham Forest-manager Brian Clough in de hotelbar.
Die avond vergeet ik nooit meer. We hebben vreselijk gelachen, totdat Clough aan Hughes vroeg of hij al financieel onafhankelijk was. Toen Hughes antwoordde dat hij het goed had, maar dat hij niet binnen was, begreep de aangeschoten Clough daar niets van. 'Dan moet je zaken doen met Gerry', riep hij. 'Dat doe ik óók, met Gerry Lagendijk.'
Nadat hij het contract van zijn pupil Everton had verlengd met Heracles Almelo, dineerde Ger Lagendijk woensdag 11 augustus met voorzitter Jan Smit. Tijdens die bijeenkomst overleed Lagendijk aan een hartstilstand. Hij werd slechts 68 jaar.
Johan Derksen
SPELERS
CLUBS
COMPETITIES
WEDSTRIJD
ARCHIEF JOHAN DERKSEN
| - Gentleman tussen fascisten, racisten en antisemieten
14 nov 2011 |
| - Utrechtse jochies, nostalgie en gebakken lucht
31 okt 2011 |
| - Boskamp, streetwise en een authentiek character
17 okt 2011 |
| - Niet verwacht, maar echt waar, ik mis Louis van Gaal
10 okt 2011 |
| - Slappe politici beschermen hooligans
03 okt 2011 |
| - Keeper, kruidenier, kroegbaas en kunstschilder
19 sep 2011 |
| - Feyenoord-topscorer Cor van der Gijp, 80 jaar
02 aug 2011 |
| - 'Ik vraag me af wie eigenlijk de baas is in de Kuip'
26 jul 2011 |
| - Het wordt wederom een boeiend voetbalseizoen
12 jul 2011 |
| - Jan van Roessel, ooit een roemruchte midvoor
21 jun 2011 |
-
NABABBEL
Positieve Kuip, Suarez-probleem en lichtmast-valler -
CLUB IN HET NIEUWS
Kalusha op meer fronten de man achter succes Zambia -
VANAF DE BANK
Kalusha: 'Finale is zeer emotioneel voor Zambianen' -
ANIMATIE QUIZ
Lookalike Quiz: Kobe Bryant, Butthead en Ben Stiller -
IN DE KANTLIJN
SC Cambuur speelt slim in op de Elfstedentocht-koorts -
SPELER VAN DE DAG
Productieve reeks drijft Dost naar 50 Eredivisie-goals
-
't WERELDJE
Lees hier de dagelijkse bijdrages
-
ELFTAL VAN DE MAAND
Het Eredivisie-elftal van de Maand -
FOTO EN Z'N VERHAAL
Foto en z'n verhaal: Occupy nu ook op Goodison Park -
TRANSFERDAGBOEK
Transferdagboek 31/01: de laatste dag...
-
DOSSIER TRANSFERS
Een overzicht
van de
transfers -
DE VOORBEREIDING
Alles over de
voorbereiding van de
36 profclubs
Feyenoord-trainer Ronald Koeman over John Guidetti, die zondag tegen Vitesse zijn derde hattrick op rij in een thuisduel produceerde (clubsite)












